Gerecht oordeelt dat de verklaring van niet-verzekerd zijn voor de BVZ m.i.v. datum aanvraag verleend had moeten worden, niet pas nadat de verzekeringspas is ingeleverd maar ook niet m.i.v. de eerdere datum van indiensttreding bij de werkgever met de collectieve ziektekostenverzekering
Samenvatting zaak Het betreft hier een LAR-zaak met raakvlakken met de belastingpraktijk. Kort samengevat gaat het om het volgende. Eiser, afkomstig uit Nederland, woont sinds 2013 in Curaçao. Sinds 9 augustus 2013 is eiser bij de Sociale Verzekeringsbank van Curaçao (SVB), verweerder in deze zaak, geregistreerd als verzekerde voor de Basisverzekering ziektekosten (BVZ) en in het bezit van een verzekeringspas. Met ingang van 1 februari 2016 is eiser in dienst ...
Gerecht oordeelt dat aan het gelegde beslag geldige titels ten grondslag liggen, zodat het door de Ontvanger op de koopsom van de verkochte woning gelegde derdenbeslag terecht is gelegd. Belastingdienst ook niet bevolen tot opheffing van het beslag. Leggen van beslag is geen betaling, van terugbetalingsverplichting kan geen sprake zijn
Samenvatting zaak In deze invorderingszaak in kort geding voor de civiele kamer van het Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba (hierna: het Gerecht) is het volgende aan de orde. Belanghebbende, een B.V. gevestigd te Bonaire en één van de eisers in deze zaak, heeft een achterstand in de betaling van haar belastingen. Eiser 2 in deze zaak, kennelijk een natuurlijke persoon, heeft hiervoor met de Belastingdienst ...
Omkering bewijslast omdat de vereiste aangifte niet is gedaan, maar schatting door Inspecteur onredelijk
Samenvatting zaak Belanghebbende heeft drie minderjarige kinderen en heeft voor het jaar 2013 aangifte gedaan naar een belastbaar inkomen van nihil. Bij het vaststellen van de aanslagen inkomstenbelasting en premies heeft de Inspecteur het standpunt ingenomen dat belanghebbende in 2013 inkomen moet hebben genoten om in haar levensonderhoud en dat van haar drie kinderen te kunnen voorzien. Ook het feit dat belanghebbende in voorgaande jaren heeft gewerkt, is voor de ...
Hof oordeelt evenals het Gerecht dat de verzuimboete niet binnen de wettelijke termijn is opgelegd
Samenvatting zaak De Inspecteur heeft aan belanghebbende een aangiftebiljet winstbelasting 2013 uitgereikt. De Inspecteur heeft ter zitting van het Gerecht verklaard dat de uiterste inleverdatum 30 juni 2014 is. Belanghebbende heeft op 17 juni 2014 verzocht om uitstel van de indiening van het aangiftebiljet. Bij brief van 7 juli 2014 heeft de Inspecteur het verzoek om uitstel afgewezen met als reden dat belanghebbende het definitieve aangiftebiljet over het boekjaar 2012 ...
De OZB is geen tijdvakbelasting maar een tijdstipbelasting, zodat artikel 11 ALL naar het oordeel van het Gerecht geen wettelijke grond biedt om voor de OZB een voorlopige aanslag op te leggen
Samenvatting zaak Belanghebbende heeft een perceel grond in erfpacht, met daarop gebouwd een woning (hierna: de onroerende zaak). Bij het opleggen van de voorlopige aanslagen onroerendezaakbelasting (OZB) 2014 en 2015, met dagtekening van respectievelijk 10 oktober 2014 en 27 mei 2015, is de belastbare waarde van de onroerende zaak vastgesteld op NAf 90.000. Belanghebbende is op 1 juni 2015 (2014) en 9 juni 2015 (2015) tegen de voorlopige aanslagen in ...
Van levering van een onroerende zaak is sprake indien de ene partij de onroerende zaak juridisch (bij notariële akte) overdraagt aan de andere partij. Geen sprake van ‘oplevering’. Nu geen zakelijke prijs is overeengekomen dient de ABB berekend te worden over de waarde in het economische verkeer
Samenvatting zaak Belanghebbende is een B.V. gevestigd te Bonaire. Directeur en enig aandeelhouder van belanghebbende is “Z”. Belanghebbende heeft op 12 mei 2009 van derden een perceel met daarop appartementen in aanbouw (hierna: de onroerende zaak) gekocht voor een bedrag van Naf. 320.075. Omdat het niet mogelijk was om op de appartementen in aanbouw een tweede verdieping te plaatsen zijn deze in de periode 2009-2011 afgebroken en heeft nieuwbouw plaatsgevonden ...
Amerikaanse leverancier en lokale afnemers met elkaar in contact brengen is naar aard een bemiddelingsdienst. De vergoeding voor deze bemiddeling (de discount) dient in de heffing van omzetbelasting te worden betrokken. Geen pleitbaar standpunt, wel overschrijding van de redelijke termijn: boete gematigd
Samenvatting zaak Belanghebbende, een N.V. gevestigd te Curaçao, is agent van Z Inc (hierna: Inc), een Amerikaanse leverancier die rijst verkoopt aan lokale afnemers op Curaçao en Bonaire door tussenkomst van belanghebbende. Belanghebbende plaatst de bestelling van rijst bij Inc op naam en voor rekening van de lokale afnemers. De rijst die niet direct wordt afgenomen door de lokale afnemers, wordt opgeslagen in het magazijn van belanghebbende. De leverancier (Inc) ...
Partijen verschillen van mening over de waarde van een door een BV aan de digra ter beschikking gestelde woning, waarvan de huurwaarde tot het loon wordt gerekend. Gerecht stelt de waarde in goede justitie vast. Vergrijpboete gehandhaafd voor het jaar waarin in het geheel geen loon is aangegeven
Samenvatting zaak C is directeur en tevens grootaandeelhouder (hierna: de digra) van belanghebbende, een te Curaçao gevestigde B.V. Belanghebbende heeft in februari 2006 een woning verworven voor NAf 580.000. De woning bestaat uit twee verdiepingen. Op één verdieping bevinden zich drie appartementen, die 40% beslaan van het totale woonoppervlakte. Van juli 2006 tot en met december 2006 is één van de appartementen aan de digra en zijn echtgenote ter beschikking ...
Hof oordeelt dat de Inspecteur bevoegd was om het tax holiday-verzoek af te doen en dat de Inspecteur het verzoek terecht heeft afgewezen, omdat niet voldaan is aan de materiële vereisten. Hof kent wel immateriële schadevergoeding toe vanwege het lange tijdsbestek tussen tax holiday-verzoek en uitsluitsel
Samenvatting zaak Belanghebbende is een in Bonaire gevestigde vennootschap die onder meer als doel heeft het ontwikkelen en exploiteren van onroerende zaken en goederen, hotels, bars, restaurants en appartementencomplexen. Belanghebbende heeft in 2005 te “Z” een perceel grond gekocht waarop zij in de periode 2006-2008 een appartementencomplex heeft gebouwd. Belanghebbende heeft na de ontwikkeling van het project en de verkoop van de appartementen geen nieuwe activiteiten meer ontplooid. Vanaf 2009 ...
Hof oordeelt dat monumentenstichting moet worden beschouwd als ondernemer voor de BBO maar dat de stichting, anders dan het Gerecht oordeelde, wél de vrijstelling voor culturele instellingen deelachtig wordt
Samenvatting zaak Belanghebbende is een stichting en heeft als doel het herstel en behoud van monumenten op Aruba. Voor de toepassing van de Landsverordening belasting op bedrijfsomzetten (de LvBBO) heeft belanghebbende steeds nihil-aangiften gedaan. Aan belanghebbende is voor het eerst een (naheffings)aanslag BBO opgelegd over het tijdvak november 2013. Mede naar aanleiding van deze naheffingsaanslag heeft belanghebbende de Minister van Financiën en Overheidsorganisatie verzocht om een vrijstelling van onder andere ...
Hof van oordeel dat perceel woeste grond niet als bedrijfsmiddel kan worden aangemerkt en dat reeds daarom geen vervangingsreserve kan worden gevormd
Samenvatting zaak Belanghebbende (in oprichting), een B.V. gevestigd te Bonaire, heeft in augustus 2007 een perceel woeste grond gekocht voor een bedrag van NAf 1.029.780. Het perceel grond is juridisch geleverd op 1 februari 2008. Belanghebbende heeft de woeste grond aangekocht onder de projectnaam ‘N’. Op de datum van koop is belanghebbende drie optieovereenkomsten met een looptijd van één jaar aangegaan tot koop van kavels op het verkavelingsplan N. De ...
Geen misverstand dat de aanslagen voor belanghebbende bestemd waren en geen rechtsregel verplicht de Inspecteur om in onderhavige geval in afzonderlijke geschriften uitspraak te doen. Hof: omkering bewijslast geen reden om de opgelegde boetes te matigen, wel matiging vanwege overschrijding redelijke termijn waarbinnen berechting moet plaatsvinden
Samenvatting zaak Belanghebbende is een in Sint Maarten gevestigde stichting. De activiteiten van belanghebbende bestaan uit de verhuur van ongeveer 16 appartementen. Naar aanleiding van een boekenonderzoek zijn naheffingsaanslagen loonbelasting, premie AOV/AWW en premie AVBZ opgelegd over de jaren 2008 tot en met (juni) 2011. Tegelijkertijd zijn vergrijpboetes opgelegd. De aanslagen en boetbeschikkingen zijn op naam gesteld van “H Residence LTD”. Tot de stukken van het geding behoort een uittreksel ...
Hof oordeelt dat de directeuren-aandeelhouders van de NV niet kunnen worden aangemerkt als werknemer in de zin van de Cessantialandsverordening en dat NV reeds hierom de voorziening niet kan vormen. Uitspraak van het Gerecht bevestigd
Belanghebbende is opgericht als naamloze vennootschap. In het in geschil zijnde jaar (2011) waren “L” en “F” ieder bestuurder van belanghebbende en houdster van 50% van de aandelen in belanghebbende. Belanghebbende exploiteert een basisschool namens een stichting (hierna: de Stichting). De directie van de basisschool wordt gevormd door L als directeur en F als adjunct-directeur. Geen van beiden heeft een relatie met de leden van het bestuur van de Stichting ...
Door de uitbreiding van het ondernemersbegrip is belanghebbende met ingang van 2012 terzake van de verhuur van een pand belastingplichtig geworden voor de omzetbelasting. Belanghebbende heeft reeds in 2011 facturen uitgereikt ter zake van de huursom voor het jaar 2012. De bewoording van de overgangsregeling brengt mee dat over deze huursom geen omzetbelasting verschuldigd is
Samenvatting zaak Belanghebbende, een N.V. gevestigd te Curaçao, verhuurt een pand. De huursommen worden maandelijks gefactureerd. De Inspecteur heeft in 2009 aan belanghebbende kenbaar gemaakt dat deze verhuuractiviteit als vermogensbeheer wordt aangemerkt, zodat belanghebbende niet als ondernemer in de zin van de Landsverordening omzetbelasting wordt aangemerkt. Door wetswijziging is met ingang van 1 januari 2012 de definitie van het begrip ‘ondernemer’ uitgebreid. Door deze uitbreiding wordt belanghebbende met ingang van ...
Overschrijding van de redelijke termijn kan niet leiden tot vermindering van de naheffingsaanslagen, maar leidt wel tot matiging van de boete. Belastingrechter in Curaçao kan geen vergoeding van immateriële schade toekennen
Samenvatting zaak Belanghebbende exploiteert een bouw- en installatiebedrijf. Naar aanleiding van de bevindingen van een boekenonderzoek heeft de Inspecteur in september 2005 naheffingsaanslagen winstbelasting over de jaren 2000 en 2001 opgelegd. Verder heeft de Inspecteur vergrijpboetes opgelegd vanwege het “grofschuldig” niet (tijdig) betalen van de verschuldigde belasting. In beroep is in geschil of de naheffingsaanslagen winstbelasting en de vergrijpboetes terecht zijn opgelegd. Wat betreft de naheffingsaanslagen heeft belanghebbende gesteld dat ...
Verzet door Gerecht ongegrond verklaard. Belanghebbende is ter zake van het niet betalen van griffierecht in verzuim. Naar het door belanghebbende in zijn beroepschrift vermelde e-mailadres zijn e-mails verzonden waarbij belanghebbende werd gewezen op de verschuldigdheid van griffierecht. Dat deze e-mails in de junkmail terecht zijn gekomen en niet door belanghebbende zijn geraadpleegd komt voor risico van belanghebbende zelf
Samenvatting zaak Belanghebbende heeft onder toepassing van het bepaalde in artikel 7a van de Landsverordening op het beroep in belastingzaken verzet aangetekend tegen de uitspraak van het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao (hierna: het Gerecht) van 20 december 2017 in zaaknummers CUR201700497 tot en met CUR201700499. Bij die uitspraak heeft het Gerecht het beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard, omdat belanghebbende het verschuldigde griffierecht niet heeft betaald. Het Gerecht verklaart het ...
Hof oordeelt dat geen sprake is van een schijnlening, bodemloze putlening of een deelnemerschapslening. Onzakelijke lening en vaststelling van een zakelijke rente van 6%
Samenvatting zaak Belanghebbende is een in Aruba gevestigde naamloze vennootschap. De activiteiten van belanghebbende bestaan uit de exploitatie van een orthodontistenpraktijk. De heer “X” is directeur en enig aandeelhouder van belanghebbende. Belanghebbende houdt 100 percent van de aandelen in een andere NV (hierna: “ERW NV”). Van deze vennootschap is X ook de directeur. In de jaarrekeningen evenals in de aangiften winstbelasting van belanghebbende zijn bedragen als een vordering op ERW ...
Eiseres in schadevergoedingszaak gehouden om de verzekeringsmaatschappij te vrijwaren voor eventuele belasting- en/of premieheffing over deze vergoeding
Samenvatting zaak Het betreft hier een Arubaanse civielrechtelijke zaak waarin het Gerecht in eerste aanleg van Aruba (hierna: het Gerecht) zich buigt over onder meer de vraag of tussen partijen een vaststellingsovereenkomst tot stand is gekomen. Hoewel deze zaak vanzelfsprekend vooral vanuit civielrechtelijke optiek interessant is, heeft deze zaak ook een voor de belastingpraktijk interessant fiscaal raakvlak, namelijk dat – kort samengevat – de gerechtigde tot een door een verzekeringsmaatschappij ...
Bankinstelling stelt zich naar het oordeel van het Gerecht terecht op het standpunt dat een werknemer van wie door de werkgever geen belasting en premies worden ingehouden minder solvabel is dan een werknemer waar dat wel gebeurt, alleen al omdat een ‘zwart’ werkende werknemer geconfronteerd kan worden met naheffingen en boetes
Samenvatting zaak Het betreft hier een Arubaanse arbeidsrechtelijke zaak (formeel een tweetal juridische zaken) met een voor de belastingpraktijk interessant fiscaal raakvlak. Hoewel deze zaak vanzelfsprekend vooral vanuit arbeidsrechtelijke optiek interessant is, spitsen wij ons in de hieronder opgenomen samenvatting toe op het fiscale raakvlak dat deze zaak heeft, namelijk – kortweg – de rol die “zwart werken” door een potentiële klant/debiteur van een bankinstelling kan spelen bij de beoordeling ...
Bekrachtiging vonnis waarvan verzet in “onderzoek Emerald”. Niet aannemelijk geworden dat de werkzaamheden waarvoor facturen zijn opgemaakt en cheques zijn geïncasseerd, in het geheel niet zijn verricht. Het moet ervoor worden gehouden dat de werkzaamheden (in ieder geval deels) zijn verricht. De daarmee gegenereerde omzet en winst had de verdachte moeten opgeven in de aangiften IB en BBO
Samenvatting zaak Het betreft hier een vonnis (ECLI:NL:OGEAM:2018:48) gewezen op het door verdachte ingestelde verzet tegen het vonnis van het Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten (hierna: het Gerecht) van 22 februari 2018 in de zaak tegen de verdachte (ECLI:NL:OGEAM:2018:5). Dat vonnis was een van de vonnissen in het zogenaamde “onderzoek Emerald”. In de CFN’s van 23 februari 2018 en 20 april 2018 rapporteerden wij over de vonnissen in ...
Rechtbank Gelderland oordeelt dat Nederland als vestigingsplaats van de Antilliaanse stichting moet worden beschouwd omdat haar feitelijke leiding daar is gelegen. Aanslag met betrekking tot een door de stichting gedane schenking terecht opgelegd
Samenvatting zaak In deze Nederlandse zaak met Caribische raakvlakken buigt de Rechtbank Gelderland (hierna: de rechtbank) zich over enkele ook voor de Caribische belastingpraktijk interessante formele en materiële (fiscale) rechtsvragen. Hieronder lichten wij met een korte samenvatting enkele voor de Caribische belastingpraktijk interessante aspecten van deze zaak uit. Voor de integrale uitspraak in deze zaak verwijzen wij naar de uitspraak zoals die op www.rechtspraak.nl is geplaatst. Zeer kort samengevat is ...
Belanghebbende is naar het oordeel van het Gerecht geen spaar- en ondersteuningsfonds waarvan de winst is vrijgesteld. Beroep op schending van de algemene beginselen van behoorlijk bestuur verworpen. Belanghebbende kan op basis van een aanschrijving een voorziening vormen voor dubieuze leningen ook al loopt ze in werkelijkheid geen risico
Samenvatting zaak Belanghebbende is een coöperatieve vereniging. Belanghebbende stelt zich op het standpunt dat zij een spaar- en/of ondersteuningsfonds is, waarvan de winst is vrijgesteld op grond van artikel 2, lid 1, letter c van de Landsverordening op de Winstbelasting 1940 (hierna: de Lv WB). Belanghebbende heeft over de jaren 2006, 2008 en 2010 aangifte gedaan naar bedragen van nihil met als toelichting dat ze geen bedrijf uitoefent en dat ...
Concrete verklaring over de werkelijke ontvangstdatum ontbreekt, belanghebbende maakt naar het oordeel van het Gerecht niet aannemelijk dat sprake is van verschoonbare termijnoverschrijding
Samenvatting zaak Aan belanghebbende zijn met dagtekening 20 mei 2016 definitieve aanslagen in de inkomstenbelasting en premies AOV/AWW voor het jaar 2011 opgelegd en een verzuimboete en met dagtekening 23 september 2016 definitieve aanslagen inkomstenbelasting en premies AOV/AWW voor het jaar 2012 met een verzuimboete. Belanghebbende is op 14 juli 2016 tegen de aanslagen en de boetes voor de jaren 2011 en 2012 in bezwaar gekomen. Op 4 november 2016 ...
Gerecht acht overschrijding bezwaartermijn niet verschoonbaar. Belanghebbende toont niet aan dat sprake is van een bijzondere omstandigheid die tijdige indiening verhinderde. Het niet ontvangen van aanmaningen tot betaling of dwangschriften heeft geen invloed op het antwoord op de vraag of de bezwaren ontvankelijk zijn
Samenvatting zaak Aan belanghebbende zijn aanslagen inkomstenbelasting en premies alsmede boetes opgelegd. Belanghebbende komt buiten de wettelijke bezwaartermijn van twee maanden tegen de aanslagen in bezwaar. De Inspecteur verklaart de bezwaren niet-ontvankelijk. Belanghebbende komt tegen de uitspraken op bezwaar in beroep. Kort samengevat wordt het beroep door het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao (hierna: het Gerecht) als volgt beoordeeld. Ontvankelijkheid bezwaar Het bezwaar tegen de aanslagen en de boetes ...
Belanghebbende en zijn gemachtigde behoren tot hetzelfde huishouden. Het Gerecht is van oordeel dat in dit geval de rechtsbijstand niet op zakelijke basis is geschied en daarom niet kan gelden als beroepsmatig verleend. Het Gerecht ziet daarom geen aanleiding voor een proceskostenvergoeding
Samenvatting zaak Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen (navorderings)aanslagen. Daarbij is niet verzocht om een vergoeding van de kosten in de bezwaarfase. Vervolgens stelt belanghebbende beroep in tegen het niet tijdig beslissen op de bezwaarschriften. Hangende de beroepsprocedure is de Inspecteur volledig aan belanghebbende tegemoetgekomen. Tussen partijen is uitsluitend nog de hoogte van de toe te kennen proceskostenvergoeding in geschil. Belanghebbende heeft ter zitting verzocht om een forfaitaire vergoeding van de ...
Hoewel de Inspecteur het verweerschrift te laat heeft ingediend, verbindt het Gerecht daar in dit geval geen consequenties aan omdat het verweerschrift geen nieuwe feiten of gezichtspunten bevat. Weliswaar dient belanghebbende vóór de dagtekening van de aanslag bezwaar in, het bezwaar is toch ontvankelijk omdat de aanslag op dat moment al tot stand was gekomen. Correcties van de Inspecteur geaccepteerd
Samenvatting zaak Belanghebbende heeft in 2015 inkomsten uit dienstbetrekking, pensioen en een AOV-uitkering genoten. Belanghebbende heeft aangifte inkomstenbelasting gedaan naar een belastbaar inkomen van Naf. 184.779. De Inspecteur heeft het belastbaar inkomen van belanghebbende vastgesteld op Naf. 275.961 en legt een definitieve aanslag inkomstenbelasting op met dagtekening 25 november 2016. Belanghebbende komt op 23 november 2018 tegen de aanslag in bezwaar, maar bij uitspraak op bezwaar verklaart de Inspecteur het ...
Brief waarin staat dat belanghebbende zich niet ter zitting zal verdedigen houdt geen intrekking van het beroep in. Naar het oordeel van het Gerecht is het aannemelijk dat de management-fees door de directeur van de NV zijn genoten. De directeur stelt dat de bedragen door een buitenlandse vennootschap zijn genoten, maar levert daar geen enkel bewijs van
Samenvatting zaak Belanghebbende is directeur van een NV (“managing director”). In de resultatenrekening van de NV over de jaren 2010 en 2011 staan personele uitgaven vermeld als “management fee director”. De Inspecteur heeft aan belanghebbende navorderingsaanslagen inkomstenbelasting en premies AVBZ over de jaren 2010 en 2011 opgelegd, waarbij deze management fees in het belastbaar en premie-inkomen zijn begrepen. De Inspecteur heeft op 26 maart 2018 in de vorm van een ...
Uitspraken op bezwaar ten onrechte niet aan de gemachtigde toegezonden: de beroepstermijn vangt pas aan op de dag waarop de gemachtigde een afschrift van de uitspraak onder ogen heeft gekregen. De Inspecteur is in de beroepsfase volledig aan belanghebbende tegemoetgekomen door alle verzuimboetes alsnog te vernietigen. Geen integrale proceskostenvergoeding, wel forfaitaire proceskostenvergoeding
Samenvatting zaak Blijkens een uitspraak van de Raad van Beroep voor Belastingzaken van 11 juli 2014 is de levering door belanghebbende van het geneesmiddel “Z” vrijgesteld van omzetbelasting, nu vaststaat dat dit geneesmiddel niet anders dan op recept wordt afgegeven. Belanghebbendes gemachtigde heeft in een brief aan de Inspecteur geschreven dat met de Inspecteur is afgesproken dat belanghebbende recht heeft op een substantieel tegoed vanwege de ten onrechte afgedragen omzetbelasting ...
Geen sprake van een objectieve voordeelsverwachting, de nevenwerkzaamheden vormen derhalve geen bron van inkomen: premie-inkomen niet verminderd met het negatieve resultaat uit de nevenwerkzaamheden. Belanghebbende maakt niet aannemelijk dat zuivere studiekosten voor haar rekening zijn gekomen
Samenvatting zaak Belanghebbende is als docent in dienstbetrekking werkzaam. Daarnaast verricht zij onder de naam “Z” nevenwerkzaamheden, bestaande uit onder meer het begeleiden van studenten (hierna: de nevenwerkzaamheden). De zoon van belanghebbende is geboren in 1994 en volgt vanaf augustus 2013 een opleiding aan de Hanzehogeschool in Groningen. De zoon geniet in Nederland een basisbeurs en aanvullende beurs hbo/wo. Aan belanghebbende is een aanslag premies AOV/AWW over het jaar 2013 ...
Omkering en verzwaring van de bewijslast nu belanghebbende op regelmatige wijze is uitgenodigd tot het doen van aangiften maar deze aangiften niet zijn gedaan
Samenvatting zaak Belanghebbende was tot eind 2008 als directeur in dienstbetrekking werkzaam bij “Q” BV en heeft vanuit Nederland een ABP-pensioen genoten. Aan belanghebbende zijn aanslagen inkomstenbelasting, premie AOV en premie AVBZ over de jaren 2009 en 2010 opgelegd. In beroep is in geschil of de Inspecteur het inkomen voor de jaren 2009 en 2010 naar het juiste bedrag heeft vastgesteld. Kort samengevat wordt het beroep door het Gerecht in ...
