Verzoek om teruggaaf verzegelingskosten van containers met inkomende douanegoederen ontbeert juridische basis: wordt aangemerkt als bezwaar tegen de in rekening gebrachte zegelkosten. Inspecteur heeft ingevolge artikel 18, lid 2 ALB één jaar de tijd om uitspraak te doen: ingediende beroep tegen het niet tijdig doen van uitspraken op bezwaar is prematuur

Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende, wonende te Aruba, is douane-expediteur. In de periode 2014 tot en met 2021 zijn aan hem kosten van verzegeling in rekening gebracht voor de verzegeling van containers met inkomende douanegoederen. Belanghebbende heeft die kosten voldaan. Daarnaast heeft hij ter zake van deze kosten buitengerechtelijke incassokosten betaald. Belanghebbende heeft een verzoek om teruggave van de kosten van verzegeling ...

Verzuimboete hangende de beroepsprocedure vernietigd. Inspecteur veroordeeld in de proceskosten die belanghebbende redelijkerwijs heeft moeten maken, maar niet voor het verschijnen ter zitting omdat belanghebbende al vóór de zitting wist dat de boete vernietigd was

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak is het volgende aan de orde (kort samengevat en enigszins geparafraseerd). Aan belanghebbende is een naheffingsaanslag winstbelasting over het jaar 2016 opgelegd van nihil. Daarbij is een verzuimboete opgelegd. Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen de boete. De Inspecteur heeft uitspraak op bezwaar gedaan en de boete gehandhaafd. Daartegen is belanghebbende in beroep gekomen. Hij heeft daarvoor een bedrag aan griffierecht betaald van NAf 150 ...

Gerecht van oordeel dat ook personen die werkzaam zijn op basis van een civielrechtelijk contract gemandateerd kunnen worden om namens de Inspecteur te handelen. In dit geval moet de bedoeling van de wetgever prevaleren boven een zuiver grammaticale interpretatie. Belanghebbende is ook niet benadeeld. Uitspraken op bezwaar bevoegd en dus rechtsgeldig opgelegd en vaststellingsovereenkomst rechtsgeldig gesloten

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak (tussenuitspraak) is het volgende aan de orde (kort samengevat en enigszins geparafraseerd). Aan belanghebbende zijn naheffingsaanslagen winstbelasting over de jaren 2009, 2010, 2011 en 2012 opgelegd. Ook zijn vergrijpboete opgelegd. Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen de naheffingsaanslagen en de boetes. In de bezwaarfase zijn de zaken namens de Inspecteur behandeld door persoon ‘C’. Op 12 juni 2019 is een vaststellingsovereenkomst gesloten tussen belanghebbende en ...

Belanghebbende stelt pas bij ontvangst van een dwangschrift op de hoogte te zijn gekomen van de naheffingsaanslag. Inspecteur levert geen bewijs dat de aanslag tijdig en rechtsgeldig aan belanghebbende is verstuurd: bezwaartermijn later aangevangen. Te weinig bekend over de inhoud van de zaak: terugwijzing naar de Inspecteur met opdracht binnen zes maanden te beschikken

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak is het volgende aan de orde (kort samengevat en enigszins geparafraseerd). Aan belanghebbende is met dagtekening 26 juni 2019 een naheffingsaanslag winstbelasting voor het jaar 2017 opgelegd. Daarbij is een verzuimboete opgelegd wegens het niet of niet tijdig doen van aangifte. Belanghebbende heeft op 5 juni 2020 tegen de naheffingsaanslag en de verzuimboete bezwaar gemaakt. De Inspecteur heeft het bezwaar vanwege termijnoverschrijding niet-ontvankelijk verklaard ...

Gelet op poststempel is uitspraak op bezwaar na dagtekening ter post bezorgd: beroepstermijn vangt pas de dag na datum poststempel aan. De in het bezwaar aangevoerde argumenten zijn geheel onbesproken gebleven en het bezwaar is zonder motivering afgewezen. Gerecht acht een dergelijke handelwijze – die (veel) vaker voorkomt – niet alleen onjuist, maar die druist ook in tegen wat van een behoorlijk handelende overheid mag worden verwacht

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak is het volgende aan de orde (kort samengevat en enigszins geparafraseerd). Belanghebbende heeft aangifte inkomstenbelasting en sociale premies over het jaar 2016 gedaan. Het belastbaar inkomen bedraagt volgens de aangifte NAf 24.796. Aan belanghebbende is een aanslag premies AOV/AWW opgelegd naar een premie-inkomen van NAf 25.708. Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen de aanslag, maar de Inspecteur heeft bij uitspraak op bezwaar de aanslag gehandhaafd ...

Gerecht verwerpt stelling dat het verweerschrift van de Inspecteur vanwege de late indiening tardief moet worden verklaard: belanghebbende heeft de mogelijkheid gekregen en ook benut om op het verweerschrift te reageren en is derhalve niet in zijn procespositie geschaad. Overigens acht het Gerecht het zeer onwenselijk en in strijd met een de Inspecteur passende zorgvuldige werkwijze om slechts enkele dagen voor de zitting een verweerschrift in te dienen

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak is het volgende aan de orde (kort samengevat en enigszins geparafraseerd). Aan belanghebbende is een voorlopige aanslag inkomstenbelasting voor het jaar 2020 opgelegd. Daartegen heeft belanghebbende bezwaar gemaakt. In zijn bezwaarschrift van 28 september 2020 heeft belanghebbende vermeld dat hij inmiddels gepensioneerd is, dat op het pensioen inhoudingen plaatsvinden en dat het opleggen van een voorlopige aanslag niet nodig lijkt. Bij e-mail van 28 ...

Ondanks te late indiening heeft de Inspecteur het bezwaar ontvankelijk verklaard. Rechter mag niet ambtshalve of op initiatief van de Inspecteur de door de Inspecteur uitgesproken ontvankelijkheid van het bezwaar toetsen

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak is het volgende aan de orde (kort samengevat en enigszins geparafraseerd). Aan belanghebbende zijn op 11 november 2016 aanslagen inkomstenbelasting en premie AVBZ voor het jaar 2012 opgelegd. Tegelijkertijd is een verzuimboete opgelegd. Belanghebbende heeft op 18 januari 2017 daartegen bezwaren gemaakt. De Inspecteur heeft op 20 november 2020 uitspraken op bezwaar gedaan en de aanslagen gehandhaafd. Belanghebbende heeft op 25 februari 2021 beroep ...

Naar het oordeel van het Gerecht kan het ook onmiddellijk uitspraak doen ten aanzien van een bij intrekking van het beroep gedaan kennelijk gegrond verzoek om vergoeding van proceskosten en/of griffierecht. Uitsluitend onjuist toepassen wettelijke regel vormt in onderhavige geval geen bijzondere omstandigheid voor afwijking van de forfaitaire vergoedingsregeling

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak is het volgende aan de orde (kort samengevat en enigszins geparafraseerd). Aan belanghebbende zijn een aanslag premies AOV/AWW en een aanslag premie AVBZ voor het jaar 2017 opgelegd. Belanghebbende heeft op 8 april 2019 tegen bovengenoemde aanslagen bezwaar gemaakt en is op 4 januari 2021 in beroep gekomen tegen het niet tijdig doen van uitspraken op bezwaar. Daarvoor is een bedrag aan griffierecht betaald ...

Gerecht past voortaan een hogere wegingsfactor van 0,5 toe bij vaststellen proceskostenvergoeding ingeval van beroep tegen het niet tijdig doen van uitspraak

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak is het volgende aan de orde (kort samengevat en enigszins geparafraseerd). Aan belanghebbende zijn aanslagen inkomstenbelasting en premie AVBZ voor het jaar 2017 opgelegd. Belanghebbende heeft op 4 april 2019 tegen bovengenoemde aanslagen bezwaar gemaakt en is op 4 januari 2021 in beroep gekomen tegen het niet tijdig doen van uitspraken op bezwaar. Daarvoor is een bedrag aan griffierecht betaald van NAf 50. Partijen ...

Hoewel niet geregeld in de Belastingwet BES brengt een redelijke wetstoepassing mee dat bij intrekking beroep omdat aan belanghebbende is tegemoetgekomen ook recht bestaat op een kostenvergoeding. In casu evenwel geen sprake van voor vergoeding in aanmerking komende kosten

Samenvatting zaak In deze Caribische Nederlandse zaak op het gebied van het belastingprocesrecht is het volgende aan de orde. Aan belanghebbende is een aanslag motorrijtuigbelasting (MRB) 2020 en 2021 opgelegd. Belanghebbende heeft daartegen bezwaar gemaakt, maar de heffingsambtenaar heeft bij uitspraak op bezwaar het bezwaar ongegrond verklaard. Belanghebbende heeft tegen de uitspraak op bezwaar beroep ingesteld bij het Gerecht. Bij e-mailbericht heeft belanghebbende het beroep ingetrokken omdat de heffingsambtenaar aan ...

Naar het oordeel van het Gerecht leidt de doorzendverplichting uitzondering als belanghebbende niet bedoeld heeft om beroep in te stellen tegen de uitspraak op bezwaar. Geschrift ingediend door professionele rechtshulpverlener en kennelijk bedoeld als verzoek aan Inspecteur om heroverweging: termijnoverschrijding niet verschoonbaar

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak is het volgende aan de orde (kort samengevat en enigszins geparafraseerd). Aan belanghebbende is een aanslag inkomstenbelasting voor het jaar 2009 opgelegd. Belanghebbende heeft daartegen bezwaar gemaakt, maar de Inspecteur heeft bij uitspraak op bezwaar van 29 juni 2012 belanghebbende niet-ontvankelijk verklaard in zijn bezwaar. Hiertegen heeft belanghebbende op 6 juli 2012 bij de Inspectie der belastingen bezwaar gemaakt. Op 29 juli 2020 heeft ...

Inspecteur heeft niet ernstig onzorgvuldig gehandeld door de waarde van de onroerende zaak in eerste instantie te hoog vast te stellen. De redelijke termijn ter bepaling van de immateriële schadevergoeding eindigt bij intrekking van het beroep of, als dat eerder is, op het moment dat de verminderingsaanslag is bekend gemaakt

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak is het volgende aan de orde (kort samengevat en enigszins geparafraseerd). Aan belanghebbende is een aanslag onroerendezaakbelasting (hierna: OZB) voor het jaar 2014 opgelegd. Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen de aanslag. De Inspecteur heeft bij uitspraak op bezwaar de aanslag verminderd. Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van de Inspecteur beroep ingesteld bij het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao (hierna: het Gerecht). Belanghebbende heeft ...

Inspecteur heeft vergaand onzorgvuldig gehandeld door in de fase van aanslagregeling een aanzienlijke correctie aan te brengen met als motivering dat belanghebbende bepaalde bewijzen niet heeft geleverd, terwijl de Inspecteur niet om die bewijzen heeft gevraagd en belanghebbende die bewijzen niet uit eigen beweging hoefde te leveren. Ook in de bezwaarfase vergaand onzorgvuldig gehandeld door, ondanks een uitgebreide motivering in het bezwaarschrift, zonder enig nader onderzoek en zonder onderbouwing het bezwaar af te wijzen

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak is het volgende aan de orde (kort samengevat en enigszins geparafraseerd). Aan belanghebbende zijn definitieve aanslagen inkomstenbelasting, premies AVBZ, AOV/AWW en BVZ voor het jaar 2016 opgelegd. Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen de aanslagen. De Inspecteur heeft bij uitspraken op bezwaar de aanslagen gehandhaafd. Belanghebbende heeft tegen de uitspraken van de Inspecteur beroep ingesteld bij het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao (hierna: het ...

Ter zitting bereiken partijen een compromis over de waarde van de onroerende zaak, het Hof beslist dienovereenkomstig. Hoger beroep dus gegrond: Inspecteur moet het door belanghebbende betaalde griffierecht vergoeden

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak inzake een aanslag onroerendezaakbelasting is het volgende aan de orde. Belanghebbende is eigenaar van de onroerende zaak. Voor het jaar 2014 is aan belanghebbende een aanslag onroerendezaakbelasting (hierna: de aanslag OZB) opgelegd naar een belastbare waarde van NAf 720.000. Na tegen de belaste waarde en aanslag bezwaar te hebben gemaakt, heeft de inspecteur bij uitspraak op bezwaar de waarde verminderd naar een belastbare waarde ...

Uitspraken op bezwaar pas na de datum van dagtekening ter post bezorgd. Hoewel na kennisneming van de uitspraken nog een beroepstermijn van 7 weken resteerde, wordt het beroepschrift buiten de termijn van twee maanden na ter post bezorging ingediend: beroep op verschoonbare termijnoverschrijding faalt

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak is het volgende aan de orde (kort samengevat en enigszins geparafraseerd). Aan belanghebbende zijn aanslagen inkomstenbelasting en premies AOV/AWW, AVBZ en BVZ voor het jaar 2014 opgelegd. Tegelijkertijd met de aanslag inkomstenbelasting is een verzuimboete opgelegd van NAf 250. Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen de aanslagen. De Inspecteur heeft op 9 oktober 2020 uitspraken op bezwaar gedaan en de bezwaren niet-ontvankelijk verklaard. Ook heeft ...

Mr. Mauritsz de Kort beëdigd als president van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie, Mr. Maroeska Scholte aanbevolen voor benoeming tot vicepresident

Op dinsdag 11 januari is mr. M.J. (Mauritsz) de Kort beëdigd als President van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Mr. de Kort heeft de eed afgelegd ten overstaan van de Gouverneur van Curaçao, Hare Excellentie Lucille George-Wout. Dit is door het Gemeenschappelijk Hof van Justitie bekendgemaakt met een nieuwsbericht. De heer De Kort heeft per 1 januari 2022 ...

Navordering inkomstenbelasting omdat bij de definitieve aanslag teveel ingehouden loonbelasting was verrekend: beroep op ontbreken nieuw feit verworpen omdat op grond van artikel 13 lid 2 ALL ook zonder nieuw feit nagevorderd kan worden. Beroepen op vertrouwensbeginsel en gelijkheidsbeginsel ook verworpen

Samenvatting zaak In deze Sint Maartense zaak is het volgende aan de orde (samengevat en enigszins geparafraseerd). Belanghebbende (van beroep controleur bij de belastingdienst) was in 2015 als door Nederland uitgezonden controle-ambtenaar werkzaam in Sint Maarten. Met belanghebbende is de afspraak gemaakt dat de werkgever de loonbelasting voor haar rekening neemt (expatriates-regeling). Belanghebbende heeft de aangifte inkomstenbelasting over het jaar 2015 ingediend naar een belastbaar inkomen en een bedrag aan ...

Standpunt Inspecteur, dat belanghebbende niet het regime van Vrijgestelde Vennootschap deelachtig kan zijn, verdedigbaar: handelt daarmee niet in zodanig vergaande mate onzorgvuldig dat dit aanleiding zou zijn voor integrale kostenvergoeding. Wel integrale vergoeding van kosten van rechtsbijstand in beroepsfase wegens ernstig onzorgvuldig handelen

Samenvatting zaak In deze Sint Maartense zaak is het volgende aan de orde (samengevat en enigszins geparafraseerd). Belanghebbende is opgericht op 10 juli 2017 en heeft op 22 augustus 2017 verzocht om per 10 juli 2017 aangemerkt te worden als Vrijgestelde Vennootschap. Omdat de Inspecteur niet op dit verzoek heeft gereageerd, wordt belanghebbende op grond van artikel 1a, lid 5, van de Landsverordening op de winstbelasting 1940 geacht per 10 ...

Geloofwaardige verklaring dat belanghebbende de aanslag niet heeft ontvangen en pas door een printje van de Ontvanger met de aanslag bekend is geworden. Termijnoverschrijding verschoonbaar: belanghebbende dient ontvankelijk te worden verklaard in haar bezwaar, zaak teruggewezen naar de Inspecteur

Samenvatting zaak In deze Sint Maartense zaak is het volgende aan de orde (samengevat en enigszins geparafraseerd). Aan belanghebbende is op 11 mei 2018 een naheffingsaanslag belasting op bedrijfsomzetten (BBO) over het jaar 2015 opgelegd. Daarbij is een vergrijpboete van 25% opgelegd. Belanghebbende heeft op 16 november 2018 daartegen bezwaar gemaakt en heeft op 23 juli 2021 beroep ingesteld tegen het niet tijdig doen van uitspraken op bezwaar. De Inspecteur ...

Mr. Mauritsz de Kort wordt president van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie

De heer mr. M.J. (Mauritsz) de Kort wordt president van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie. De Rijksministerraad heeft ingestemd met de voordracht voor benoeming op voorstel van minister Dekker voor Rechtsbescherming, mede namens zijn ambtgenoten van Aruba, Curaçao en Sint Maarten. Dit is op 26 november jl. bekendgemaakt met een nieuwsbericht op rijksoverheid.nl. De heer De Kort volgt per 1 januari 2022 mevrouw mr. E.A. (Eunice) Saleh op. Vanaf 2011 ...

Gerecht oordeelt dat de handelwijze van de Inspecteur ernstig onzorgvuldig is en stelt in goede justitie een bovenforfaitaire vergoeding vast. Immateriële schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn wordt pas toegekend in procedures waarin op of na 1 oktober 2018 een bezwaarschrift is ingediend: daarvan is in dit geval geen sprake

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak is het volgende aan de orde. Aan belanghebbende is met dagtekening 29 juni 2017 een naheffingsaanslag winstbelasting over het jaar 2015 opgelegd. Daarbij is een verzuimboete opgelegd. Belanghebbende heeft op 25 augustus 2017 pro forma bezwaar gemaakt tegen de naheffingsaanslag en de verzuimboete. De Inspecteur heeft bij uitspraak op bezwaar van 22 mei 2018 de naheffingsaanslag en verzuimboete verminderd naar nihil. Belanghebbende heeft op ...

Beroep tegen niet-tijdig beslissen niet-ontvankelijk vanwege termijnoverschrijding: geen proceskostenveroordeling. Volledig tegemoetgekomen aan bezwaren: beroep niet geacht mede betrekking te hebben op de reële uitspraak. Ondanks verlenging redelijke termijn met vier maanden vanwege brand belastingkantoor, toch termijnoverschrijding van zes maanden: immateriële schadevergoeding toegekend

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende is een te Curaçao gevestigd lichaam dat vóór 1 januari 2002 onderworpen was aan het zogenoemde ‘offshore-regime’ en ten aanzien waarvan ingevolge artikel VI, lid 10 van de Overgangsregeling 2001 (P.B. 1999, no. 244) de Landsverordening op de Winstbelasting 1940 zoals deze luidde op 31 december 1999 (hierna: “LWB (oud)”) van toepassing is gebleven. Aan belanghebbende is ...

Premies AOV/AWW komen bij ‘penshonado’ niet voor aftrek in aanmerking. Geen overschrijding redelijke termijn: geen immateriële schadevergoeding

Samenvatting zaak In deze Curaçaose inkomstenbelastingzaak is het volgende aan de orde. Op belanghebbende is de zogenoemde ‘penshonado-regeling’ (10%) van artikel 23B van de Landsverordening op de inkomstenbelasting 1943 (hierna: LIB) van toepassing. Belanghebbende heeft in het jaar 2017 een pensioeninkomen genoten en een bedrag aan premies AOV/AWW betaald. De aanslag inkomstenbelasting  is opgelegd naar een belastbaar inkomen gelijk aan het pensioeninkomen (derhalve zonder de betaalde premies AOV/AWW in aftrek ...

Concordant belastingprocesrecht in de Caribische jurisdicties van het Koninkrijk – Oratie uitgesproken door prof. mr. dr. A.J.H. (Arno) van Suilen bij de aanvaarding van het ambt van buitengewoon hoogleraar Caribisch Formeel Belastingrecht aan de University of Curaçao op 19 oktober 2021

CFN-artikelnummer 20211112-2 Land/gebiedsdeel: Caribische delen van het Koninkrijk der Nederlanden, Aruba, Curaçao, Sint Maarten, Caribisch Nederland, BES, Bonaire, Sint Eustatius, Saba Betreft: formeel belastingrecht, belastingprocesrecht, belastingrechtspraak, rechtspraak, rechtspraak in belastingzaken, rechtspraak in fiscale zaken, Caribisch formeel belastingrecht, Caribisch belastingprocesrecht, belastingrechtspraak in de Caribische jurisdicties van het Koninkrijk, belastingrechtspraak in de Caribische delen van het Koninkrijk, belastingrechtspraak in de Caribische Koninkrijksdelen, concordant belastingprocesrecht, concordant belastingprocesrecht in de Caribische jurisdicties van het ...

Gerecht oordeelt dat onder het Besluit proceskosten bestuursrecht de kopieerkosten voor de beroepschriften niet voor vergoeding in aanmerking komen

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak is het volgende aan de orde. Aan belanghebbende zijn aanslagen inkomstenbelasting, premies AOV/AWW en premie AVBZ voor het jaar 2015 opgelegd. Belanghebbende heeft daartegen bezwaar gemaakt, maar bij uitspraken op bezwaar heeft de Inspecteur de aanslagen gehandhaafd. Belanghebbende heeft tegen de uitspraken van de Inspecteur beroepen ingesteld bij het Gerecht. In geschil is of de aanslagen naar de juiste bedragen zijn opgelegd. Partijen zijn ...

Arnaud de Graaf en Arno van Suilen hebben het hoogleraarsambt aan de UoC aanvaard met het uitspreken van hun oraties: De Graaf als buitengewoon hoogleraar Internationaal Belastingrecht en Van Suilen als buitengewoon hoogleraar Caribisch Formeel Belastingrecht

De Universiteit van Curaçao Dr. Moises da Costa Gomez (University of Curaçao, UoC) heeft Prof. mr. dr. Arnaud de Graaf benoemd tot buitengewoon hoogleraar op de leerstoel Internationaal Belastingrecht en prof. mr. dr. Arno van Suilen tot buitengewoon hoogleraar op de leerstoel Caribisch Formeel Belastingrecht, beiden aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid. Afgelopen dinsdagavond, 19 oktober 2021, vond in de aula van de Universiteit van Curaçao de plechtigheid plaats waarbij zij ...

Mr. Mauritsz de Kort aanbevolen voor benoeming tot president van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie per 1 januari 2022

Per 1 januari a.s. eindigt de benoemingstermijn van mr. Eunice Saleh als President van het Hof. Mr. Saleh heeft begin dit jaar binnen het Hof kenbaar gemaakt niet in aanmerking te willen komen voor een verlenging van de termijn. De afgelopen maanden heeft de wervingsprocedure plaatsgevonden voor de opvolging van mr. Saleh. Op 23 september 2021 heeft de hofvergadering bij meerderheid van stemmen besloten om mr. Mauritsz de Kort (thans ...

Persbericht Hof na bezoek President van de Hoge Raad: grote belangstelling en interesse voor de rechtspraak op de eilanden

De President van de Hoge Raad, mevrouw Dineke de Groot, bracht vorige week een werkbezoek aan Aruba, Curaçao en Sint Maarten. Door de versoepeling van de coronamaatregelen was het voor haar mogelijk de drie eilanden te bezoeken en de verbinding met recht en rechtspraak in Caribisch Nederland verder gestalte te geven. Haar eerste bezoek op de eilanden beschouwt ze als zeer effectief en zinvol. De Hoge Raad is cassatierechter in ...

Werkbezoek President Hoge Raad aan Aruba, Curaçao en Sint Maarten

De President van de Hoge Raad, mevrouw Dineke de Groot, heeft deze week een werkbezoek gebracht aan Aruba, Curaçao en Sint Maarten. Door de versoepeling van de coronamaatregelen is het voor Dineke de Groot nu mogelijk een werkbezoek aan drie eilanden af te leggen om de verbinding met recht en rechtspraak in Caribisch Nederland verder gestalte te geven. Dit is door het Gemeenschappelijk Hof van Justitie bekendgemaakt met een persbericht ...

Hoge Raad verklaart cassatieberoep niet-ontvankelijk vanwege het niet tijdig betalen van het verschuldigde griffierecht

Samenvatting zaak Op 17 september 2021 heeft de Hoge Raad het door belanghebbende ingestelde beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba (hierna: het Hof) van 27 januari 2020 (nr. SXM2019H00041; ECLI:NL:OGHACMB:2020:13) niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet binnen de gestelde termijn betalen van het verschuldigde griffierecht. De griffier van de Hoge Raad heeft belanghebbende ...