Annotatie bij Gerecht in eerste aanleg van Curaçao 20 september 2019, ECLI:NL:OGEAC:2019:204 – mr. M. Coenen

Annotatie bij Gerecht in eerste aanleg van Curaçao 20 september 2019, ECLI:NL:OGEAC:2019:204 door mr. M. Coenen Betreft: ECLI:NL:OGEAC:2019:204 Voor een samenvatting van deze Curaçaose loonbelastingzaak door de redactie van het CFN, zie dit artikel in het CFN van 27 september 2019, nr. 2019/61: Gerecht oordeelt dat pensioenaanspraak op grond van aan de directeur op 73- jarige leeftijd toegekende pensioenrechten terecht als loon is aangemerkt. Naar oordeel Gerecht geen sprake van ...
LEES VERDER

Gerecht oordeelt dat pensioenaanspraak op grond van aan de directeur op 73- jarige leeftijd toegekende pensioenrechten terecht als loon is aangemerkt. Naar oordeel Gerecht geen sprake van pleitbaar standpunt, wel sprake van voorwaardelijke opzet: vergrijpboete terecht opgelegd (met annotatie van mr. M. Coenen)

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak op het gebied van de loonbelasting en de AVBZ is het volgende aan de orde. Belanghebbende, een N.V. gevestigd te Curaçao, heeft aan de directeur pensioenrechten toegekend. De directeur (geboren op 20 juli 1937) van belanghebbende, was ook voor 25% middellijk aandeelhouder van belanghebbende. De Stichting Belastingaccountantsbureau (SBAB) heeft met betrekking tot de jaren 2010 en 2011 bij belanghebbende een boekencontrole gedaan. In het ...
LEES VERDER

Naar Sint Maarten uitgezonden OvJ bleef in Nederland premieplichtig voor de volksverzekeringen, maar bij het vaststellen van de aanslag ib/pvv zijn de verschuldigde premies volksverzekeringen niet vermeld. Rechtbank van oordeel dat deze fout voor belanghebbende redelijkerwijs kenbaar was, waardoor kan worden nagevorderd

Samenvatting zaak In deze Nederlandse zaak op het gebied van de premieheffing volksverzekeringen met raakvlakken met de Caribische praktijk is het volgende aan de orde. Belanghebbende, eiseres in deze zaak, is werkzaam als officier van justitie (OvJ) voor het Ministerie van Justitie en Veiligheid (“de Minister”) en is ingaande 1 oktober 2012 voor een periode van 3 jaar benoemd tot officier van justitie bij het Openbaar Ministerie van Sint Maarten ...
LEES VERDER

Aan Curaçaos trustkantoor gegeven informatiebeschikking met betrekking tot de heffing van (Nederlandse) vennootschapsbelasting blijft in stand. Hof oordeelt dat het verzoek tot overlegging van de volledige administratie – ook indien het bepaalde in de Curaçaose Landsverordening toezicht trustwezen in ogenschouw wordt genomen – zowel niet in strijd is met het evenredigheidsbeginsel als met het verbod van détournement de pouvoir

Samenvatting zaak In deze Nederlandse belastingzaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende, opgericht volgens het recht van de Nederlandse Antillen en statutair gevestigd op Curaçao, treedt op als trustkantoor. Enig aandeelhouder en tevens één van de bestuurders van belanghebbende is “X”. “A” is – evenals X – bestuurder van belanghebbende. A woonde in de onderhavige jaren in Curaçao. De inspecteur van de Nederlandse belastingdienst heeft een aantal derdenonderzoeken naar ...
LEES VERDER

Geen vrijstelling BBO voor bouwwerkzaamheden brug verrichten voor overheidslichaam van Sint Maarten. Standpunt belanghebbende niet zodanig pleitbaar dat innemen daarvan in de weg staat aan het opleggen van een verzuimboete. Belanghebbende verkeert ook niet in een ongunstigere positie dan een derde die één naheffingsaanslag ontvangt ter zake van twee verschillende aangiftetijdvakken

Samenvatting zaak In deze Sint Maartense zaak met betrekking tot de heffing van de belasting op bedrijfsomzetten (BBO) is het volgende aan de orde. Belanghebbende heeft bouwwerkzaamheden voor de aanleg van een brug verricht voor een NV. De aandelen in de NV worden middellijk gehouden door de overheid van Sint Maarten. Belanghebbende heeft ter zake van de verrichte prestaties geen belasting op bedrijfsomzetten (BBO) in rekening gebracht aan de NV ...
LEES VERDER

Gerecht stelt waarde ondergrond gebouw in goede justitie vast. Op ondergrond kan niet worden afgeschreven en kan geen investeringsaftrek worden genoten. Standpunt belanghebbende pleitbaar: geen grove schuld, vergrijpboetes vernietigd

Samenvatting zaak In deze Curaçaose winstbelastingzaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende heeft in 2005 de economische eigendom van de onroerende zaak Y te Willemstad (hierna: de onroerende zaak) verkregen voor een koopsom van NAf 2.500.000. De onroerende zaak betreft een rond 2004 geheel gerestaureerd monumentaal pand gelegen in een winkelstraat. Belanghebbende verhuurt de onroerende zaak voor NAf 14.000 per maand. In zijn aangiften winstbelasting is belanghebbende ervan uitgegaan ...
LEES VERDER

Belanghebbende erkent dat één winstcorrectie terecht is. Dit brengt naar het oordeel van het Gerecht mee dat belanghebbende de vereiste aangifte niet heeft gedaan, waardoor ter zake van de overige correcties de bewijslast wordt omgekeerd en verzwaard

Samenvatting zaak In deze Curaçaose winstbelastingzaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende is een houdstermaatschappij. De aandelen in belanghebbende zijn voor 98,8% in handen van de directeur-grootaandeelhouder. De overige aandelen zijn in handen van zijn drie kinderen. Naar aanleiding van een boekenonderzoek zijn naheffingsaanslagen winstbelasting over de jaren 2011 tot en met 2013 opgelegd. Ook zijn vergrijpboetes van 15% opgelegd. De correcties betreffen onder meer de posten Voorschot personeel, ...
LEES VERDER

Belanghebbende claimt terecht investeringsaftrek voor pick-ups waarbij de mogelijkheid tot personenvervoer ondergeschikt is aan het goederenvervoer

Samenvatting zaak In deze Curaçaose winstbelastingzaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende, gevestgd te Curaçao, heeft als activiteit het verhuren van voertuigen. Tot het wagenpark van belanghebbende behoren onder meer caddies (kleine bestelauto’s) en pick-ups. Belanghebbende heeft in 2009, 2010 en 2011 voertuigen, waaronder pick-ups, aangeschaft en ter zake daarvan investeringsaftrek in aanmerking genomen. Naar aanleiding van de bevindingen van een boekenonderzoek zijn onderhavige naheffingsaanslagen winstbelasting opgelegd, alsmede vergrijpboetes. Daarbij ...
LEES VERDER

Eindbeslissing dat bemanningsleden in dienstbetrekking zijn en belanghebbende inhoudingsplichtig is voor de loonbelasting. Gerecht oordeelt voorts dat terecht het anoniementarief is toegepast bij werknemers van wie de identiteit niet bekend was en dat terecht het gebruteerde tarief is toegepast

Samenvatting zaak Bij tussenuitspraak in deze Sint Maartense loonbelastingzaak, ECLI:NL:OGEAM:2018:15, had het Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten (hierna: het Gerecht) geoordeeld dat - kort samengevat - het jacht geëxploiteerd wordt door belanghebbende, dat de bemanningsleden in dienstbetrekking zijn bij belanghebbende en dat belanghebbende daarom inhoudingsplichtig is voor de loonbelasting. Over deze tussenuitspraak werd door ons gerapporteerd met een artikel in het CFN van 13 april 2018. De in ...
LEES VERDER

DGA en echtgenote geen werknemers voor de cessantia omdat geen sprake is van ondergeschiktheid: cessantiavoorziening niet toegestaan. Vergrijpboete wel vernietigd

Samenvatting zaak In deze Curaçaose belastingzaak in eerste aanleg is het volgende aan de orde. Alle aandelen in belanghebbende, een te Curaçao gevestigde N.V., worden middellijk gehouden door de heer “D” die tevens als directeur in dienstbetrekking is bij belanghebbende. De echtgenote van D is eveneens in dienstbetrekking werkzaam bij belanghebbende. Belanghebbende heeft ten laste van de fiscale winst een cessantiavoorziening gevormd. Bij het vaststellen van de naheffingsaanslag heeft de ...
LEES VERDER

Vergoeding voor Rotary-lidmaatschap voor de helft en de aan de werknemers verstrekte entreekaarten voor het CNSJF volledig tot het loon gerekend. Gerecht handhaaft de vanwege grove schuld opgelegde vergrijpboete

Samenvatting zaak In deze Curaçaose belastingzaak in eerste aanleg is het volgende aan de orde. De directeur/enig aandeelhouder (DGA) van belanghebbende, een te Curaçao gevestigde N.V., is lid van de Rotary. Belanghebbende heeft de kosten van het lidmaatschap voor haar rekening genomen. Verder heeft belanghebbende aan vier werknemers - de DGA, het hoofd van de administratie en twee medewerkers van de afdeling opmaak - entreekaarten verstrekt voor het Curaçao North ...
LEES VERDER

Ook in hoger beroep integrale vrijspraak van het opzettelijk onjuist doen van aangiften inkomstenbelasting

Samenvatting zaak Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie heeft op donderdag 13 december 2018 de verdachte in deze fiscale strafzaak ook in hoger beroep integraal vrijgesproken van het opzettelijk onjuist doen van aangiften van de inkomstenbelasting. Zo blijkt uit een persbericht van het Hof van 13 december 2018. In eerste aanleg werd de verdachte bij vonnis van het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao van 17 november 2017, zaaknummer 810.00001/17, ECLI:NL:OGEAC:2017:167 ...
LEES VERDER

Amerikaanse leverancier en lokale afnemers met elkaar in contact brengen is naar aard een bemiddelingsdienst. De vergoeding voor deze bemiddeling (de discount) dient in de heffing van omzetbelasting te worden betrokken. Geen pleitbaar standpunt, wel overschrijding van de redelijke termijn: boete gematigd

Samenvatting zaak Belanghebbende, een N.V. gevestigd te Curaçao, is agent van Z Inc (hierna: Inc), een Amerikaanse leverancier die rijst verkoopt aan lokale afnemers op Curaçao en Bonaire door tussenkomst van belanghebbende. Belanghebbende plaatst de bestelling van rijst bij Inc op naam en voor rekening van de lokale afnemers. De rijst die niet direct wordt afgenomen door de lokale afnemers, wordt opgeslagen in het magazijn van belanghebbende. De leverancier (Inc) ...
LEES VERDER

Per 1 januari 2012 is de definitie van ondernemer in de omzetbelasting uitgebreid. Sindsdien is verhuur aangemerkt als een economische activiteit en belast met omzetbelasting. Belanghebbende kan zich niet beroepen op een afspraak die vóór de wetswijziging met de Inspecteur is gemaakt. Ook geen pleitbaar standpunt

Samenvatting zaak Belanghebbende heeft een resort in eigendom. Vanaf 1 januari 2010 wordt dit resort tegen vergoeding verhuurd aan zustermaatschappij. Op 9 juli 2010 hebben partijen een afspraak gemaakt dat de verhuur van het resort niet als ondernemersactiviteit wordt aangemerkt en dat ter zake derhalve geen omzetbelasting is verschuldigd. Door wetswijziging is met ingang van 1 januari 2012 de definitie van het begrip ‘ondernemer’ in de Landsverordening omzetbelasting 1999 (hierna: ...
LEES VERDER
Aan het laden...