Gerecht van oordeel dat de correcties niet onredelijk of willekeurig zijn vastgesteld en dat met de enkele stelling dat belanghebbende tijdens COVID niet operationeel zou zijn geweest, niet op overtuigende wijze de onjuistheid van de schatting is aangetoond. Door Inspecteur overgelegde stukken niet tardief: het gaat om stukken waarover belanghebbende zelf al zou moeten beschikken en de stellingen zien met name op de ontvankelijkheid van de bezwaren en zijn niet omvangrijk of complex. Enkele bezwaarschriften niet-ontvankelijk omdat deze niet binnen de wettelijke termijn zijn ingediend en er geen feiten of omstandigheden zijn gesteld of gebleken voor verschoonbaarheid van de termijnoverschrijding. Belastingrechter niet bevoegd om kennis te nemen van het beroep inzake de naheffingsaanslagen premies ZV/OV, omdat de ALL niet van toepassing is verklaard op de LvZV en de LvOV
Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak (ECLI:NL:OGEAC:2026:123) is het volgende aan de orde. Omdat belanghebbende geen aangiften heeft gedaan, zijn aan haar over de jaren 2019 tot en met 2021 en de periode januari 2022 tot en met september 2022 (taxatieve) naheffingsaanslagen en verzuimboetes (vanwege niet tijdige betaling) LB, premies AOV/AWW, AVBZ en BVZ opgelegd. Verder zijn aan belanghebbende voor de periode 2019 tot en met september 2022 naheffingsaanslagen premies ...
Niet hebben voldaan aan de administratieplicht en de bewaarplicht leidt tot omkering en verzwaring van de bewijslast. Correctie en berekeningen door de Inspecteur gebaseerd op gegevens uit de eigen administratie van belanghebbende en objectief vastgestelde verschillen: Gerecht oordeelt dat sprake is van een redelijke schatting. Wel matiging van de vergrijpboeten (5%) in verband met de toepassing van de omkering en verzwaring van de bewijslast en een verdere matiging (10%) wegens overschrijding van de redelijke termijn
Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak (ECLI:NL:OGEAC:2026:28) is het volgende aan de orde. Belanghebbende drijft haar onderneming (een groothandel die bouwmaterialen -voornamelijk houtplaten- importeert en verkoopt) in de vorm van een NV. Bij belanghebbende is een boekenonderzoek ingesteld voor de middelen winstbelasting (WB), omzetbelasting (OB) en loonbelasting (LB)over de perioden 2018 t/m 2021. De bevindingen van het boekenonderzoek zijn vastgelegd in een controlerapport. Daarin staat, kort samengevat, dat tijdens het ...
Conclusie AG over de vraag of de vereiste aangifte is gedaan, of de Inspecteur bij zijn redelijke schatting rekening moet houden met een pas in bezwaar alsnog ingediende aangifte, en of de ter zitting in hoger beroep ingediende nieuwe stellingen tardief zijn
Samenvatting zaak In deze Nederlandse belastingzaak (ECLI:NL:PHR:2026:193) heeft Advocaat-Generaal (AG) P.J. Wattel conclusie genomen inzake het door belanghebbende ingestelde beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (het Hof) van 22 juli 2025, nrs. 23/2624-23/2627, ECLI:NL:GHARL:2025:4601. Rechtsvragen die in deze zaak aan de orde komen, zijn: (a) of de vereiste aangifte (verwijtbaar) niet is gedaan en, in het verlengde daarvan, of de bewijslast moet worden omgekeerd en verzwaard als ...
Ontbreken grootboek, niet hebben gedaan van een voorraadinventarisatie, niet aangeven huuropbrengsten en een brutowinstpercentage dat significant lager is dan in voorgaande jaren, leidt tot het niet hebben voldaan aan de administratie- en bewaarplicht: omkering en verzwaring van de bewijslast. De naheffingsaanslagen BBO berusten op een redelijke schatting nu de Inspecteur heeft gecorrigeerd op basis van het gerealiseerde brutowinstpercentage in de administratie van belanghebbende zelf. Het Gerecht heeft terecht geoordeeld dat BBO verschuldigd is over de gehele tegenprestatie, derhalve inclusief de berekende vijf percent over de netto-vergoeding. Ook sprake van grove schuld, maar gelet op hoe de hoogte van de aanslag is bepaald (met omkering van de bewijslast) ziet het Hof aanleiding de vergrijpboete te verminderen
Samenvatting zaak In deze Sint Maartense zaak (ECLI:NL:OGHACMB:2025:141) is het volgende aan de orde. Belanghebbende exploiteerde winkels waarin verzorgingsproducten, parfums, haarproducten en elektronica werden verkocht. Bij belanghebbende is een boekenonderzoek ingesteld met betrekking tot onder meer de belasting op bedrijfsomzetten (BBO). Naar aanleiding van het onderzoek stelt de controlerend ambtenaar correcties voor. Deze correcties betreffen (i) aansluitingsverschillen tussen de omzet verantwoord in de jaarrekening en de aangegeven omzet, (ii) niet ...
Handelsonderneming heeft geen controleerbare en sluitende kasadministratie gevoerd en heeft daarom niet voldaan aan de administratieplicht: omkering en verzwaring van de bewijslast. De naheffingsaanslagen BBO berusten op een redelijke schatting nu de Inspecteur is uitgegaan van een gemiddelde dagomzet met onderscheid tussen hoogseizoen en laagseizoen. Het Gerecht heeft terecht geoordeeld dat BBO verschuldigd is over de gehele tegenprestatie, derhalve inclusief de berekende vijf percent over de netto-vergoeding. Ook sprake van (voorwaardelijk) opzet, maar gelet op hoe de hoogte van de aanslag is bepaald (met omkering van de bewijslast) ziet het Hof aanleiding de vergrijpboete te verminderen
Samenvatting zaak In deze Sint Maartense zaak (ECLI:NL:OGHACMB:2025:142) is het volgende aan de orde. Belanghebbende exploiteerde een handelsonderneming in cosmetica en elektronica. Bij belanghebbende is een boekenonderzoek ingesteld met betrekking tot, onder meer, de belasting op bedrijfsomzetten (BBO). Volgens het controlerapport is tijdens het onderzoek gebleken dat over de controlejaren sprake is van niet verantwoorde omzet. In het rapport wordt dan ook, onder meer, voorgesteld om de omzet te corrigeren. De ...
Handelsonderneming heeft geen controleerbare en sluitende kasadministratie gevoerd en heeft daarom niet voldaan aan de administratieplicht: omkering en verzwaring van de bewijslast. De schatting van de Inspecteur is gebaseerd op het brutowinstpercentage in eerdere jaren en is daarom niet willekeurig. De daartegenover door belanghebbende ingebrachte gecorrigeerde kostprijs en brutowinstpercentages zijn gebaseerd op cijfers en gegevens die niet controleerbaar zijn. Ook sprake van (voorwaardelijk) opzet, maar gelet op hoe de hoogte van de aanslag is bepaald (met omkering van de bewijslast) ziet het Hof aanleiding de vergrijpboete te verminderen
Samenvatting zaak In deze Sint Maartense zaak (ECLI:NL:OGHACMB:2025:139) is het volgende aan de orde. Belanghebbende exploiteerde een handelsonderneming in cosmetica en elektronica. Bij belanghebbende is een boekenonderzoek ingesteld met betrekking tot, onder meer, de belasting op bedrijfsomzetten (BBO). Volgens het controlerapport is tijdens het onderzoek gebleken dat over de controlejaren sprake is van niet verantwoorde omzet. Dit wordt volgens de controlerend ambtenaar ondersteund door de opmerkelijk lage brutowinstmarges (lager dan ...
Handelsonderneming heeft geen controleerbare en sluitende kasadministratie gevoerd en heeft daarom niet voldaan aan de administratieplicht: omkering en verzwaring van de bewijslast. Maar het Hof is met het Gerecht van oordeel dat de schatting van de Inspecteur onredelijk is voor zover daarbij geen rekening wordt gehouden met in verband met de extra omzet gemaakte kosten: kostenaftrek van 60% in aanmerking genomen. Ook sprake van (voorwaardelijk) opzet, maar gelet op hoe de hoogte van de aanslag is bepaald (met omkering van de bewijslast) ziet het Hof aanleiding de vergrijpboete te verminderen
Samenvatting zaak In deze Sint Maartense zaak (ECLI:NL:OGHACMB:2025:143) is het volgende aan de orde. Belanghebbende exploiteerde een handelsonderneming in cosmetica en elektronica voor de groothandel. Bij belanghebbende is een boekenonderzoek ingesteld met betrekking tot de loonheffingen en BBO over de jaren 2012 tot en met 2014. De bevindingen daarvan zijn neergelegd in een controlerapport. In dat rapport concludeert de controlerend ambtenaar op basis van de geconstateerde gebreken in de administratie en ...
Handelsonderneming heeft geen controleerbare en sluitende kasadministratie gevoerd en heeft daarom niet voldaan aan de administratieplicht: omkering en verzwaring van de bewijslast. Maar nu de gecorrigeerde omzet voor de BBO ook als te corrigeren winst voor de WB in aanmerking is genomen, kunnen de naheffingsaanslagen winstbelasting niet in stand blijven. Het Gerecht heeft in goede justitie een redelijke schatting van de belastbare winsten gemaakt door op de omzetcorrecties een bedrag ter grootte van 55% van de omzet als kosten in mindering te brengen, een hoger in mindering te brengen bedrag wordt door het Hof verworpen. Omdat belanghebbende opzet is verweten en daarvoor bewijs is geleverd maar desondanks ‘25%-boeten’ zijn opgelegd, bestaat geen aanleiding de vergrijpboeten te verminderen vanwege de omstandigheid dat de aanslagen met behulp van omkering en verzwaring van de bewijslast zijn vastgesteld
Samenvatting zaak In deze Sint Maartense zaak (ECLI:NL:OGHACMB:2025:140) is het volgende aan de orde. Belanghebbende exploiteerde een handelsonderneming in cosmetica en elektronica. Bij belanghebbende is een boekenonderzoek ingesteld met betrekking tot de loonheffingen en BBO over de jaren 2012 tot en met 2014. De bevindingen daarvan zijn neergelegd in een controlerapport. In dat rapport concludeert de controlerend ambtenaar onder meer dat de gevoerde administratie zodanig ernstige gebreken vertoont dat deze ...
Hof van oordeel dat belanghebbende er niet in is geslaagd het (verzwaarde) tegenbewijs te leveren en acht de schatting van de Inspecteur redelijk. De Inspecteur is onder meer uitgegaan van eerdere aangiften en aanslagen waartegen geen rechtsmiddelen zijn aangewend. Verder heeft de Inspecteur de stellige indruk dat belanghebbende bestuurder is van diverse vennootschappen en uiteindelijk gerechtigde is tot de inkomsten uit die vennootschappen. Belanghebbende heeft evenwel nagelaten inzicht te geven over mogelijke inkomsten uit de aan hem gelieerde entiteiten, hetgeen voor zijn rekening komt
Samenvatting zaak In deze Sint Maartense zaak (ECLI:NL:OGHACMB:2025:59, ook: ECLI:NL:OGHACMB:2025:60) is het volgende aan de orde. Belanghebbende is inwoner van Sint Maarten en wordt voor de heffing van inkomstenbelasting aangemerkt als binnenlands belastingplichtig. Aan hem zijn voor de onderhavige jaren aangiftebiljetten inkomstenbelasting uitgereikt. Omdat belanghebbende de aangiftebiljetten niet heeft ingediend zijn aan hem ambtshalve aanslagen inkomstenbelasting en AVBZ opgelegd. Daarbij zijn verzuimboetes wegens het niet tijdig indienen van de aangiftebiljetten ...
Na daartoe te zijn uitgenodigd en te zijn aangemaand heeft belanghebbende geen aangifte inkomstenbelasting gedaan: omkering en verzwaring van de bewijslast. Gerecht acht het door de Inspecteur taxatief vastgestelde belastbaar inkomen niet onredelijk en belanghebbende heeft niet op overtuigende wijze de onjuistheid doen blijken van de schatting van de Inspecteur of de daarvoor gebruikte gegevens
Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak (ECLI:NL:OGEAC:2025:16) is het volgende aan de orde. Belanghebbende heeft aanvankelijk geen aangifte inkomstenbelasting voor het jaar 2018 ingediend. De Inspecteur heeft om die reden een taxatieve aanslag inkomstenbelasting opgelegd naar een belastbaar inkomen van NAf 27.500, alsook aanslagen premies AOV/AWW, AVBZ en BVZ. De Inspecteur heeft tevens een verzuimboete van NAf 250 opgelegd vanwege het niet tijdig doen van de aangifte. Daarna heeft belanghebbende ...
Arrest Hoge Raad. De stukken van het geding laten geen andere slotsom toe dan dat belanghebbende onvoldoende feiten en omstandigheden heeft gesteld die de conclusie rechtvaardigen dat de geldverstrekking van de holding aan haar als onzakelijke lening moet worden aangemerkt
Samenvatting zaak Vandaag, vrijdag 19 april 2024, heeft de Hoge Raad het door belanghebbende ingestelde beroep in cassatie tegen de uitspraak van 6 augustus 2021 van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba (hierna: het Hof) (ECLI:NL:OGHACMB:2021:324) ongegrond verklaard (ECLI:NL:HR:2024:629). De zaak In deze Arubaanse winstbelastingzaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende, een naar het recht van Aruba opgerichte ...
Zodanig late indiening aangiften inkomstenbelasting dat de Inspecteur daarmee redelijkerwijs geen rekening kon houden: vereiste aangifte niet gedaan, omkering en verzwaring bewijslast. Aanslagen berusten op een redelijke schatting, niet onredelijk of willekeurig vastgesteld en de onjuistheid van de schatting is niet op overtuigende wijze aangetoond. Niet gebleken dat sprake is van een situatie als bedoeld in het Landsbesluit beperking kring verzekerden AVBZ: belanghebbende als ingezetene verzekerd en premieplichtig
Samenvatting zaak In deze Sint Maartense zaak is het volgende aan de orde. Aan belanghebbende, een inwoner van Sint Maarten die derhalve als binnenlands belastingplichtige wordt aangemerkt, zijn voor jaren 2014, 2015 en 2016 aangiftebiljetten inkomstenbelasting uitgereikt. Omdat belanghebbende de aangiftebiljetten niet heeft ingediend zijn aan belanghebbende ambtshalve aanslagen inkomstenbelasting en AVBZ voor de onderhavige jaren opgelegd. Daarbij zijn verzuimboetes wegens het niet tijdig indienen van de aangiftebiljetten opgelegd. Belanghebbende ...
Anders dan de omzetcorrecties berusten de winstcorrecties niet op een redelijke schatting omdat de volledige bedragen van de omzetcorrecties als winstcorrecties zijn aangemerkt. Gerecht stelt de belastbare winst in goede justitie vast
Samenvatting zaak In deze Sint Maartense zaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende, een N.V. gevestigd te Sint Maarten, exploiteerde van 2012 tot en met 2014 een handelsonderneming. In 2014 heeft belanghebbende haar activiteiten beëindigd. Bij belanghebbende is een boekenonderzoek ingesteld met betrekking tot de loonheffingen en BBO over de jaren 2012 tot en met 2014. De bevindingen daarvan zijn neergelegd in een controlerapport. In dat rapport concludeert de ...
Omzetcorrectie voor de BBO blijft in stand. Belanghebbende heeft niet op overtuigende wijze de onjuistheid van de schatting van de Inspecteur aangetoond, de door haar ingebrachte gecorrigeerde kostprijs en brutowinstpercentages zijn gebaseerd op cijfers en gegevens die niet controleerbaar zijn
Samenvatting zaak In deze Sint Maartense zaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende exploiteerde van 2012 tot en met 2014 een handelsonderneming. Bij belanghebbende is een boekenonderzoek ingesteld met betrekking tot, onder meer, de belasting op bedrijfsomzetten (BBO) over die jaren. Volgens het controlerapport is tijdens het onderzoek gebleken dat over de controlejaren sprake is van niet verantwoorde omzet. Dit wordt volgens de controlerend ambtenaar ondersteund door de opmerkelijk ...
Omzetcorrectie voor de BBO blijft in stand. Belanghebbende heeft niet op overtuigende wijze de onjuistheid van de schatting van de Inspecteur aangetoond, de door haar ingebrachte berekeningen zijn gebaseerd op niet controleerbare cijfers en gegevens. Met overwegingen van het Gerecht omtrent de heffingsgrondslag voor doeleinden van de BBO
Samenvatting zaak In deze Sint Maartense zaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende exploiteerde twee winkels. Bij belanghebbende is een boekenonderzoek ingesteld met betrekking tot, onder meer, de belasting op bedrijfsomzetten (BBO) over de jaren 2012 tot en met 2014. Volgens het controlerapport is tijdens het onderzoek gebleken dat over de controlejaren sprake is van niet verantwoorde omzet. In het rapport wordt dan ook, onder meer, voorgesteld om de ...
Omzetcorrectie voor de BBO blijft in stand, nu belanghebbende niet op overtuigende wijze de onjuistheid van de schatting van de Inspecteur heeft aangetoond. Met overwegingen van het Gerecht omtrent de heffingsgrondslag voor doeleinden van de BBO
Samenvatting zaak In deze Sint Maartense zaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende exploiteerde tot 2015 twee winkels, waarin verzorgingsproducten, parfums, haarproducten en elektronica werden verkocht. Bij belanghebbende, die een winkel exploiteert, is een boekenonderzoek ingesteld met betrekking tot onder meer de belasting op bedrijfsomzetten (BBO) over de jaren 2012 tot en met 2014. Naar aanleiding van het onderzoek stelt de controlerend ambtenaar correcties voor. Deze correcties betreffen (i) ...
Wtp’s en boekenonderzoek leiden tot omzetcorrecties en correcties aftrekposten. Niet voldaan aan administratie- en bewaarplicht: omkering en verzwaring van de bewijslast. Opzet ten aanzien van omzetcorrecties en grove schuld ten aanzien van overige correcties
Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende drijft een onderneming - een nagel(behandeling)zaak – waar drie personen werkzaam zijn waaronder belanghebbende zelf. Bij belanghebbende heeft op een drietal dagen een ‘waarneming ter plaatse’ (hierna: Wtp) plaatsgevonden, uitgevoerd door een controleambtenaar van de Stichting Belastingaccountantsbureau (SBAB). Daarbij heeft de controleambtenaar de gegevens van de Wtp’s vergeleken met de gegevens uit de administratie van een of ...
Vereiste aangifte niet gedaan en niet voldaan aan administratieplicht: omkering en verzwaring van de bewijslast. Correctie huuropbrengsten pand berust niet op een redelijke schatting. Gerecht neemt in goede justitie een redelijke zakelijke huurprijs in aanmerking
Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende drijft een onderneming die bestaat uit het beheren van onroerende goederen van ‘Q’. Voor het beheer en de exploitatie van de onroerende goederen ontvangt belanghebbende een vergoeding van 10 percent van de bruto-opbrengsten. De overige 90 percent wordt doorbetaald aan Q. Naar aanleiding van een boekenonderzoek heeft de Inspecteur overeenkomstig de bevindingen in het controlerapport een naheffingsaanslag ...
Hof van oordeel dat het Gerecht ten onrechte ambtshalve heeft geoordeeld dat de bewijslast dient te worden omgekeerd en verzwaard: correctie met betrekking tot de vervreemding van de materiële vaste activa moet met inachtneming van de normale regels van bewijslastverdeling worden beoordeeld. Inspecteur slaagt niet in bewijslast, de correctie vervalt
Samenvatting zaak In deze Curaçaose winstbelastingzaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende, gevestigd te Curaçao, vormde vanaf 1 januari 2007 tot en met 1 januari 2012 een fiscale eenheid met haar dochtermaatschappij (hierna: “de NV”). In het jaar 2011 was de NV de enige klant van belanghebbende. Op 19 november 2012 heeft belanghebbende materiële activa (uitgezonderd onroerend goed) aan de NV verkocht voor een bedrag van NAf 350.000. Op ...
Inspecteur had de opbrengsten uit onroerende zaken aan de echtgenoot moeten toerekenen: navorderingsaanslagen en vergrijpboetes ten onrechte aan belanghebbende opgelegd
Samenvatting zaak In deze Curaçaose inkomstenbelastingzaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende is, samen met haar echtgenoot, eigenaar van een (gedeelte van een) appartementencomplex. In de jaren 2013 en 2014 was belanghebbende eigenaar van zes twee-slaapkamerappartementen en twee drie-slaapkamer woningen binnen het appartementencomplex. Belanghebbende heeft voor de jaren 2013 en 2014 belastbare inkomens van nihil aangegeven. Haar echtgenoot heeft voor die jaren eveneens nihil aangiftes ingediend. De Inspecteur heeft ...
Vereiste aangifte niet gedaan: omkering en verzwaring bewijslast. Hof met het Gerecht van oordeel dat bij het opleggen van de navorderingsaanslagen is uitgegaan van een redelijke schatting. Voorwaardelijk opzet: vergrijpboetes passend en geboden. Nadere stukken Inspecteur tardief
Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak met betrekking tot navorderingsaanslagen inkomstenbelasting en premie AVBZ is het volgende aan de orde. Belanghebbende exploiteert een onderneming in de vorm van een eenmanszaak (een restaurant). Bij belanghebbende hebben boekenonderzoeken plaatsgevonden. De Inspecteur is afgeweken van de voor de jaren 2006 en 2007 ingediende aangiften en heeft primitieve aanslagen opgelegd. Ook heeft de Inspecteur ter behoud van rechten voor de jaren 2006 en 2007 ...
Geen schijnlening, geen deelnemerschapslening en geen bodemlozeputlening: Hof bevestigt uitspraak van het Gerecht. Sprake van een onjuiste waardering van de schuld op de winstbepalende balans, toepassing foutenleer
Samenvatting zaak In deze Arubaanse winstbelastingzaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende is een naar Arubaans recht opgerichte vennootschap. De directeur van belanghebbende was ‘C’. De in Zwitserland gevestigde vennootschap ‘Y’ was op dat moment voor 99,5% aandeelhouder, voor het overige werden de aandelen in belanghebbende gehouden door C. In 2006 is door Y een bedrag aan belanghebbende verstrekt. Ter zake van deze geldverstrekking is volgens belanghebbende geen schriftelijke ...
Hof concludeert dat de aanslagen IB en sociale premies 2008 en 2009 buiten de wettelijke aanslagtermijn zijn opgelegd. In casu ook geen convertering in navorderingsaanslagen (niet voldaan aan het voor navordering benodigde ‘nieuw feit’)
Samenvatting zaak Let op: doordat van vrijdagavond 16 april 2021 om 19.30 uur tot zondagavond 18 april 2021 om 23.59 uur (tijden volgens de Europees Nederlandse tijdzone) vrijwel alle computersystemen van de Rechtspraak in Nederland niet bereikbaar zijn vanwege groot onderhoud en dan ook het digitale uitsprakenregister op rechtspraak.nl niet beschikbaar zal zijn, zullen de hieronder in dit artikel opgenomen links naar uitspraken op rechtspraak.nl tijdelijk niet bereikbaar zijn. Dit ...
Rechtbank oordeelt dat uit niets volgt dat belanghebbende beschikte over het SPF-vermogen als ware het haar eigen vermogen, geen aanleiding het handelen van anderen aan haar toe te rekenen
Samenvatting zaak In deze Nederlandse fiscale zaak met raakvlakken met de Caribische praktijk is het volgende aan de orde. Het betreft een geschil over (navorderings)aanslagen (Nederlandse) IB/PVV over de jaren 2002 tot en met 2008 in verband met toerekening van SPF-vermogen. Belanghebbende is in die jaren betrokken bij een SPF. In geschil is onder meer of de inspecteur over een nieuw feit beschikt op grond waarvan navorderingsaanslagen kunnen worden opgelegd ...
Belanghebbende met eenmanszaak heeft ook andere inkomsten genoten voor zijn levensonderhoud: vereiste aangifte niet gedaan, omkering bewijslast
Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak op het gebed van de heffing van sociale premies AOV/AWW en AVBZ is het volgende aan de orde. Belanghebbende heeft in het onderhavige jaar 2015 een autoschadebedrijf geëxploiteerd in de vorm van een eenmanszaak. Belanghebbende heeft voor het jaar 2015 aangifte gedaan naar een negatief belastbaar inkomen. De Inspecteur is afgeweken van het aangegeven belastbaar inkomen en heeft in de opgelegde aanslagen premieheffing AOV/AWW ...
Inspecteur beschikte voor het jongste jaar niet over een voor navordering vereist nieuw feit. Ten tijde van het opleggen van de primitieve aanslagen was hij bekend met gegevens uit het proces-verbaal van de politie. Gerecht gaat in goede justitie over tot een schatting van het belastbaar inkomen
Samenvatting zaak In deze Curaçaose inkomstenbelastingzaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende drijft een kapsalon in de vorm van een eenmanszaak en heeft voor de jaren 2013 tot en met 2015 in de aangiften inkomstenbelasting een opbrengst van onderneming aangegeven. De Inspecteur heeft de aanslagen vastgesteld overeenkomstig de aangiften. Deze primitieve aanslagen zijn gedagtekend op 15 april 2016 (2013), 18 en 24 maart 2016 (2014) en 19 mei 2017 ...
Geen controleerbare en sluitende kasadministratie gevoerd: niet voldaan aan administratieplicht. Omkering en verzwaring bewijslast, maar schatting inspecteur blijft in stand. Boetes verminderd wegens overschrijding redelijke termijn
Samenvatting zaak In deze Curaçaose inkomstenbelastingzaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende drijft een onderneming in de vorm van een eenmanszaak (verhuur auto’s en pick-ups aan derden, voornamelijk aan toeristen). Auto’s die gedurende een langere periode zijn verhuurd, worden verkocht. Namens de Inspecteur heeft een boekenonderzoek plaatsgevonden bij belanghebbende. Daarin wordt onder meer geconcludeerd dat niet is voldaan aan de administratieplicht ingevolge artikel 43, lid 2 van de Algemene ...
Gerecht van oordeel dat de ‘general proxyholder’ moet worden aangemerkt als de belastingplichtige voor wiens rekening het restaurant wordt gedreven: ondernemer voor de IB en de ABB
Samenvatting zaak In deze Caribisch Nederlandse zaak (Bonaire) inzake navorderingsaanslagen inkomstenbelasting (IB) en naheffingsaanslagen algemene bestedingsbelasting (ABB) is het volgende aan de orde. Een restaurant te Bonaire is als eenmanszaak van “H” (woonachtig te Curaçao) ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel (hierna: KvK). In het handelsregister is belanghebbende (een andere persoon dan H) als “general proxyholder” vermeld. Vanaf het jaar 2009 wordt het restaurant feitelijk geleid door ...
Gerecht acht reconstructie kasboek aan de hand van de dagelijkse kassastroken niet dermate overtuigend dat daarmee elke redelijke twijfel is uitgesloten dat deze omzetverhouding juist is
Samenvatting zaak In deze Curaçaose omzetbelastingzaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende drijft sinds 2010 een onderneming in de vorm van een eenmanszaak. De ondernemingsactiviteiten bestaan onder meer uit het exploiteren van een toko. Bij belanghebbende is een boekenonderzoek ingesteld over de jaren 2012 tot en met 2016. In het controlerapport wordt geconcludeerd dat niet is voldaan aan de administratieplicht ingevolge artikel 43, lid 2 van de Algemene landsverordening ...
Hoge Raad doet cassatieberoep af met toepassing van artikel 81 RO. Betreft zaak waarin het Hof – gelijk het Gerecht – oordeelde dat belanghebbende de vereiste aangifte niet heeft gedaan, de aanslagen terecht zijn opgelegd met omkering en verzwaring van de bewijslast en de schatting door de Inspecteur van het belastbare inkomen niet onredelijk was
Op 26 juni 2020 heeft de Hoge Raad het door belanghebbende ingestelde cassatieberoep tegen de uitspraak van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba (hierna: het Hof) van 6 juni 2018, nr. AUA2017H00093 (ECLI:NL:OGHACMB:2018:105) afgedaan met toepassing van artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie. Het betreft een zaak waarin het Hof in hoger beroep– gelijk ...
