Bezwaar van de in Nederland wonende belanghebbende tegen de aanslag motorrijtuigenbelasting niet-ontvankelijk, omdat de bezwaartermijn van twee maanden ruimschoots is overschreden en de termijnoverschrijding ook niet verschoonbaar was. Het adres op Bonaire is door belanghebbende zelf als correspondentieadres gebruikt en het feit dat huurders mogelijk post hadden weggegooid, komt voor zijn rekening Overigens overweegt het Gerecht ten overvloede dat de aanslag ook inhoudelijk terecht is opgelegd, omdat belanghebbende niet heeft aangetoond dat hij het houderschap van het motorrijtuig volgens de wettelijke regels had beëindigd

Samenvatting zaak In deze Bonairiaanse zaak (ECLI:NL:OGEABES:2026:198) is het volgende aan de orde. Belanghebbende woont in Nederland, bezit een woning op Bonaire en is sinds 30 mei 2017 houder van de kentekenplaat gekoppeld aan een auto van het merk/type Suzuki Vitara. Ter zake van de auto is door/namens de Heffingsambtenaar van het openbaar lichaam Bonaire met dagtekening 19 december 2018 een aanslag motorrijtuigenbelasting (MRB) voor het jaar 2018 opgelegd aan ...

Verklaring van belanghebbende de uitspraak pas laat te hebben ontvangen door het Gerecht als ongeloofwaardig beoordeeld. Risico van niet-ontvankelijkheidsverklaring bij het tot het laatste moment wachten met het indienen van een beroepschrift komt voor rekening van belanghebbende en van een professionele rechtsbijstandverlener mag worden verwacht dat deze de termijnen bewaakt en eventueel gebruik maakt van de mogelijkheid van een pro-forma beroepschrift

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak (ECLI:NL:OGEAC:2025:44) is het volgende aan de orde. Aan belanghebbende zijn naheffingsaanslagen premie AVBZ en naheffingsaanslagen premie BVZ opgelegd. Bij gelijktijdige beschikkingen zijn vergrijpboetes opgelegd. Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen de aanslagen. Bij uitspraken op bezwaar van 5 december 2023 heeft de Inspecteur de naheffingsaanslagen en vergrijpboetes gehandhaafd. Vervolgens heeft belanghebbende op 6 februari 2024 beroep ingesteld tegen de uitspraken op bezwaar. Kort samengevat en ...

Beroepschrift tegen de beschikking op het bezwaar inzake de vaststelling van de loonsubsidie 3 dagen na afloop van de beroepstermijn ingediend. Gerecht ziet geen grond voor het achterwege laten van de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep wegens termijnoverschrijding. Belanghebbende had de volle zes weken om tijdig beroep in te stellen; dat de gemachtigde dit heeft nagelaten, komt voor rekening en risico van belanghebbende

Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak is het volgende aan de orde. Bij beslissing op bezwaar van 15 september 2023 (de bestreden beslissing) heeft de Minister het bezwaar van belanghebbende, appellante in deze zaak, gericht tegen de vaststelling van loonsubsidie over enkele maanden in 2020 gedeeltelijk gegrond verklaard en voorts bepaald dat de vaststelling van loonsubsidie over die maanden in stand zullen blijven. Hiertegen heeft appellante (belanghebbende) op 30 oktober ...

Belanghebbende stelt pas bij de dwangschriften kennis genomen te hebben van de beschikkingen houdende de terugvordering van loonsubsidie. De bezwaartermijnoverschrijding wordt evenwel niet verschoonbaar geacht: dat belanghebbende e-mails van de SVb over de loonsubsidie niet heeft geopend komt voor haar rekening en risico, bovendien had zij tijdig de documenten in haar MiSVb-account kunnen raadplegen

Samenvatting zaak In deze vier gelijkende Arubaanse bestuursrechtelijke zaken is het volgende aan de orde. De hiernavolgende samenvatting is overigens gebaseerd op ECLI:NL:OGEAA:2023:74. Bij beschikkingen van 10 en 11 maart 2022 heeft de Minister beslist op het verzoek van belanghebbende tot toekenning van loonsubsidie over de maanden januari tot en met april 2021, waarbij de loonsubsidie is vastgesteld op Afl. 0,00 en waarbij tevens de terugvordering is verzocht van de ...

Geen omstandigheden aangevoerd op grond waarvan de overschrijding van de bezwaartermijn verschoonbaar is te achten: bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard. Inspecteur noch de belastingrechter zijn bevoegd om kwijtschelding van belastingschulden te verlenen

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak is het volgende aan de orde. Wegens het niet indienen van de verzamelloonstaat over het jaar 2007 is aan belanghebbende op 24 maart 2011 een naheffingsaanslag premie AVBZ opgelegd en is op 30 maart 2011 een naheffingsaanslag loonbelasting opgelegd. Belanghebbende heeft op 20 augustus 2019 tegen bovengenoemde naheffingsaanslagen bezwaar gemaakt. De Inspecteur heeft op 9 augustus 2021 uitspraak op bezwaar gedaan en het bezwaar ...

Niet zo spoedig als redelijkerwijs mogelijk na kennisname van de uitspraak op bezwaar in beroep gekomen: beroep niet-ontvankelijk

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen de aan haar opgelegde aanslag inkomstenbelasting voor het jaar 2018. De Inspecteur der belastingen heeft op 11 december 2020 uitspraak op bezwaar gedaan en daarbij de aanslag verminderd. Op 30 april 2021 is door belanghebbende beroep ingesteld tegen de uitspraak op bezwaar. Het inhoudelijke geschil gaat over de opgevoerde premie eigenrisicoverzekering. De Inspecteur ...

Naar het oordeel van het Gerecht leidt de doorzendverplichting uitzondering als belanghebbende niet bedoeld heeft om beroep in te stellen tegen de uitspraak op bezwaar. Geschrift ingediend door professionele rechtshulpverlener en kennelijk bedoeld als verzoek aan Inspecteur om heroverweging: termijnoverschrijding niet verschoonbaar

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak is het volgende aan de orde (kort samengevat en enigszins geparafraseerd). Aan belanghebbende is een aanslag inkomstenbelasting voor het jaar 2009 opgelegd. Belanghebbende heeft daartegen bezwaar gemaakt, maar de Inspecteur heeft bij uitspraak op bezwaar van 29 juni 2012 belanghebbende niet-ontvankelijk verklaard in zijn bezwaar. Hiertegen heeft belanghebbende op 6 juli 2012 bij de Inspectie der belastingen bezwaar gemaakt. Op 29 juli 2020 heeft ...

Belanghebbende voert aan dat het door de brand bij de belastingdienst (augustus 2019) onmogelijk is geweest om tijdig een bezwaarschrift in te dienen. Dit kon evenwel in ieder geval met ingang van de maand oktober 2019 weer: bezwaarschrift niet zo spoedig als redelijkerwijs mogelijk ingediend

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak is het volgende aan de orde. Aan belanghebbende is op 26 juli 2019 een aanslag inkomstenbelasting voor het jaar 2015 opgelegd. Op 9 december 2019 heeft belanghebbende daartegen bezwaar gemaakt. De Inspecteur heeft bij uitspraak op bezwaar belanghebbende niet-ontvankelijk verklaard in zijn bezwaar en de aanslag gehandhaafd. Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de uitspraak op bezwaar. Kort samengevat wordt door het Gerecht in eerste ...

Te laat hoger beroep ingesteld. Omstandigheid dat de reguliere belastingadviseur in het buitenland verkeerde komt voor rekening van belanghebbende. Naar het oordeel van het Hof valt bovendien niet in te zien dat de gemachtigde niet in staat zou zijn geweest om in ieder geval ter behoud van rechten een pro forma hoger beroepschrift in te dienen. Termijnoverschrijding niet verschoonbaar, hoger beroep niet-ontvankelijk

Samenvatting zaak Op 22 april 2021 heeft het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba (hierna: het Hof) uitspraak gedaan in de zaak met zaaknummer CUR2019H00394 (ECLI:NL:OGHACMB:2021:103) op het door belanghebbende ingestelde hoger beroep tegen de uitspraak van het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao, (het Gerecht) van 17 mei 2019 in de zaak BBZ nr. CUR201500117 (ECLI:NL:OGEAC:2019:109). In deze Curaçaose ...

Hoge Raad doet cassatieberoep af met toepassing van artikel 81 RO. Zaak waarin het Hof oordeelde dat geen sprake was van verschoonbare termijnoverschrijding. Belanghebbende mocht er niet op vertrouwen dat zij extra tijd had om beroep in te stellen

Samenvatting zaak Op 3 april 2020 heeft de Hoge Raad het door belanghebbende ingestelde cassatieberoep tegen de uitspraak van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba (hierna: het Hof)  van 13 februari 2019, nr. AUA2018H00116 (ECLI:NL:OGHACMB:2019:51) afgedaan met toepassing van artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie. Het betreft een zaak waarin het Hof oordeelde dat ...

Hof oordeelt net als het Gerecht dat geen sprake is van een verschoonbare termijnoverschrijding. Belanghebbende mocht er niet op vertrouwen dat zij extra tijd had om beroep in te stellen, nu de inspecteur in de bezwaarfase een vragenbrief aan haar had gestuurd

Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak met betrekking tot de heffing van de belasting op bedrijfsomzetten (BBO) is het volgende aan de orde. Aan belanghebbende, een N.V. gevestigd in Aruba, is een naheffingsaanslag belasting op bedrijfsomzetten (BBO) opgelegd. Gelijktijdig met de naheffingsaanslag is een verzuimboete (10%) opgelegd. Belanghebbende heeft hiertegen bezwaar gemaakt. De inspecteur heeft op 8 juni 2016 uitspraak op bezwaar gedaan en het bezwaar afgewezen. Belanghebbende is op ...

Gerecht oordeelt dat geen omstandigheden zijn aangevoerd voor verschoonbaarheid termijnoverschrijding. Dat belanghebbende de uitspraken op bezwaar heeft doorgestuurd naar een adviseur komt volledig voor zijn rekening en risico

Samenvatting zaak In deze Curaçaose belastingzaak is het volgende aan de orde. In de onderhavige jaren is belanghebbende als tuinman in dienstbetrekking werkzaam bij “Q” respectievelijk bij "T". De uit deze dienstbetrekkingen genoten looninkomsten heeft belanghebbende in zijn aangiften in aanmerking genomen. In de aangiften voor de jaren 2012, 2013 en 2014 heeft belanghebbende verder nog inkomsten uit andere arbeid (tuinonderhoud) aangegeven. De inspecteur legt, behoudens kleine correcties, overeenkomstig de ...