Gerecht van oordeel dat de in Nederland wonende belanghebbende ten aanzien van de verhuur van de villa’s in Curaçao als belastingplichtige voor de omzetbelasting dient te worden aangemerkt. Geen concrete controleerbare gegevens overgelegd waarmee overtuigend wordt aangetoond dat de Inspecteur is uitgegaan van een onjuiste berekening van de verschuldigde omzetbelasting: naheffingsaanslagen blijven in stand. Wel matiging van de vergrijpboeten met 5%, nu de naheffingsaanslagen op basis van schatting en met toepassing van omkering en verzwaring van de bewijslast zijn vastgesteld. Naar het oordeel van het Gerecht is ook geen sprake van een ongerechtvaardigde inbreuk op artikel 8 EVRM: de middels een derden-onderzoek bij Aqualectra verkregen informatie wordt niet buiten beschouwing gelaten. En het Gerecht ziet geen aanleiding om te twijfelen aan de tijdige mandaatverlening aan de SBAB-medewerker. Dat geen schriftelijk mandaat aanwezig was, vormt een gebrek. Maar gesteld noch gebleken dat belanghebbende hierdoor is benadeeld

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak (ECLI:NL:OGEAC:2026:170) is het volgende aan de orde. Belanghebbende, woonachtig in Nederland, is eigenaar van onroerende zaken (villa’s), gelegen te Curaçao. In opdracht van de Inspecteur heeft de Stichting Belasting Accountants Bureau (SBAB) een boekenonderzoek ingesteld om te bepalen of en zo ja in hoeverre belanghebbende belastingplichtig is voor de inkomstenbelasting en/of de omzetbelasting (OB). Aanleiding voor het onderzoek was het bezit van de villa’s ...

Problemen van belanghebbende met de administratie en de wisselingen van administrateurs vormen volgens het Gerecht geen verschoonbare reden voor overschrijding bezwaartermijn. Hoewel tegen een andere aanslag wel tijdig bezwaar is ingediend, is het toch niet-ontvankelijk omdat belanghebbende – ondanks meerdere uitstelmogelijkheden en verzoeken van de Inspecteur – geen inhoudelijke motivering en bewijsstukken heeft verstrekt. Vergrijpboetes wel met 15% verminderd wegens overschrijding van de redelijke termijn met ongeveer één jaar en tien maanden

Samenvatting zaak In deze Sint Maartense zaak (ECLI:NL:OGEAM:2026:114) is het volgende aan de orde. Naar aanleiding van de bevindingen van een boekenonderzoek zijn aan belanghebbende verschillende naheffingsaanslagen en vergrijpboetes opgelegd in de winstbelasting (WB), loonbelasting (LB), AVBZ, AOV/AWW en belasting op bedrijfsomzetten (BBO) over de jaren 2017 tot en met 2020 (hierna: de naheffingsaanslagen). Belanghebbende heeft tegen de naheffingsaanslagen en de vergrijpboetes bezwaarschriften ingediend, en vervolgens enkele beroepschriften tegen uitspraken ...

Gerecht van oordeel dat belanghebbende niet heeft voldaan aan de administratieplicht en de bewaarplicht en dat daarmee is voldaan aan de voorwaarden voor omkering en verzwaring van de bewijslast. Gelet op de geconstateerde gebreken in de administratie, de aanwezigheid van niet-verantwoorde inkopen en de toepassing van een op analyse gebaseerde brutowinstmarge, acht het Gerecht de gehanteerde methode van omzetreconstructie niet onredelijk of willekeurig. Verder oordeelt het Gerecht dat de vergrijpboetes wegens (voorwaardelijk) opzet terecht zijn opgelegd, maar matigt deze gezien de toegepaste omkering en verzwaring van de bewijslast en vermindert deze verder wegens overschrijding van de redelijke termijn met bijna elf jaren

Samenvatting zaak In deze Sint Maartense zaak (ECLI:NL:OGEAM:2026:61) is het volgende aan de orde. Bij belanghebbende, die een supermarket exploiteert, is door Stichting Belastingaccountantsbureau (hierna: SBAB) een boekenonderzoek uitgevoerd voor de middelen winstbelasting (WB) en belasting op bedrijfsomzetten (BBO) over de perioden 2008 tot en met 2011. Volgens het door de controlerend ambtenaar opgestelde controlerapport is tijdens het onderzoek gebleken dat op een aantal onderdelen niet is voldaan aan de ...

AG concludeert in Sint Maartense belastingzaak dat de omkering en verzwaring van de bewijslast in de bezwaarfase doorwerkt naar de daarop volgende rechterlijke fases van het geding. Verder meent de AG dat het Hof het eerst ter zitting door belanghebbende opgeworpen geschilpunt over zijn woonplaats niet mocht negeren: conclusie tot terugwijzing van het geding

Samenvatting zaak Op 27 maart 2026 heeft Advocaat-Generaal (AG) mr. R.J. Koopman conclusie genomen (ECLI:NL:PHR:2026:356) inzake het door belanghebbende ingestelde beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie (hierna: het Hof) van 11 maart 2025 (ECLI:NL:OGHACMB:2025:55). In deze Sint Maartense zaak was, kort samengevat, in geschil of belanghebbende de in 2013 en 2014 voor het ministerie van Algemene zaken van Sint Maarten verrichte advieswerkzaamheden heeft uitgevoerd ...

Gerecht behandelt diverse correcties in de WB, LB, AVBZ en BBO en opgelegde vergrijpboetes. Betreft onder andere correcties inkopen, franchise fees, consulting fees, aansluitingsverschillen met betrekking tot salarissen, extra-ordinary expense, fooien, betalingen aan muzikanten, casual labor en betalingen voor schoonmaak. Uitgebreide overwegingen van het Gerecht over de bevoegdheid van SBAB om boekenonderzoeken uit te voeren op Sint Maarten

Samenvatting zaak In deze Sint Maartense zaak (ECLI:NL:OGEAM:2026:45) is het volgende aan de orde. De ondernemingsactiviteiten van belanghebbende bestaan uit het exploiteren van een restaurant annex café en een game room. Bij belanghebbende zijn boekenonderzoeken ingesteld. Mede naar aanleiding van deze onderzoeken zijn naheffingsaanslagen loonbelasting (LB), premie AVBZ, winstbelasting (WB) en belasting op bedrijfsomzetten (BBO) opgelegd. Het betreft in casu een veelheid aan correcties. Zo zijn voor wat betreft de ...

Aan belastingadviseur opgelegde vergrijpboete door Rechtbank Gelderland om meerdere redenen vernietigd. Geen feitelijk leidinggever, medepleger of medeplichtige van beboetbare gedragingen van Curaçaose vennootschappen

Samenvatting zaak De inspecteur heeft aan een belastingadviseur werkzaam bij een belastingadvieskantoor (ECLI:NL:RBGEL:2025:10883) en aan een fiscalist werkzaam bij een accountantskantoor (ECLI:NL:RBGEL:2025:10897) vergrijpboetes opgelegd, omdat zij feitelijk leidinggever, medepleger of medeplichtige zouden zijn van beboetbare gedragingen van diverse vennootschappen, die onderdeel uitmaken van een belastingbesparende structuur. In beide gevallen wordt de boete door de Rechtbank Gelderland (hierna: de Rechtbank) om meerdere redenen vernietigd. Samenvatting van ECLI:NL:RBGEL:2025:10883 Aangezien de inhoudelijk overwegingen ...

Niet hebben voldaan aan de administratieplicht en de bewaarplicht leidt tot omkering en verzwaring van de bewijslast. Correctie en berekeningen door de Inspecteur gebaseerd op gegevens uit de eigen administratie van belanghebbende en objectief vastgestelde verschillen: Gerecht oordeelt dat sprake is van een redelijke schatting. Wel matiging van de vergrijpboeten (5%) in verband met de toepassing van de omkering en verzwaring van de bewijslast en een verdere matiging (10%) wegens overschrijding van de redelijke termijn

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak (ECLI:NL:OGEAC:2026:28) is het volgende aan de orde. Belanghebbende drijft haar onderneming (een groothandel die bouwmaterialen -voornamelijk houtplaten- importeert en verkoopt) in de vorm van een NV. Bij belanghebbende is een boekenonderzoek ingesteld voor de middelen winstbelasting (WB), omzetbelasting (OB) en loonbelasting (LB)over de perioden 2018 t/m 2021. De bevindingen van het boekenonderzoek zijn vastgelegd in een controlerapport. Daarin staat, kort samengevat, dat tijdens het ...

Belanghebbende kan niet worden verweten dat hij met zijn gedragingen opzet of grove schuld heeft gehad op het (vermeende) beboetbare feit van de Curaçaose vennootschappen met betrekking tot de heffing van (Nederlandse) Vpb. Hij mocht afgaan op de adviezen van het belastingadvieskantoor. Geen sprake van feitelijk leidinggeven, medeplegen of medeplichtigheid: vergrijpboete vernietigd

Samenvatting zaak In deze Nederlandse zaak (ECLI:NL:RBGEL:2025:10887) is het volgende aan de orde. Belanghebbende is woonachtig in Nederland en (middellijk respectievelijk onmiddellijk) enig aandeelhouder van een aantal vennootschappen, waaronder vennootschappen die zijn opgericht naar het recht van Curaçao en statutair zijn gevestigd op Curaçao. De inspecteur van de (Nederlandse) belastingdienst heeft een vestigingsplaatsonderzoek ingesteld bij enkele van de Curaçaose vennootschappen. In het kader van het vestigingsplaatsonderzoek heeft de inspecteur informatie ...

Rechtbank Gelderland komt tot het oordeel dat de werkelijke leiding van de Curaçaose vennootschappen in de betreffende jaren is uitgeoefend in Nederland en de vestigingsplaats van belanghebbende in die jaren daarom Nederland is. Navorderingsaanslagen Vpb blijven in stand, maar de opgelegde boetes worden vernietigd omdat belanghebbende geen opzet of grove schuld kan worden verweten

In deze Nederlandse zaken (ECLI:NL:RBGEL:2025:10888, ECLI:NL:RBGEL:2025:10940 en, later toegevoegd, ECLI:NL:RBGEL:2025:10892) komt de Rechtbank Gelderland tot het oordeel dat de werkelijk leiding van de betreffende Curaçaose vennootschappen in de betreffende jaren is uitgeoefend in Nederland en dat de vestigingsplaats van de vennootschappen in die jaren daarom Nederland is. Hieronder nemen wij slechts een samenvatting op van de zaak ECLI:NL:RBGEL:2025:10888. Samengevat is het volgende aan de orde. Belanghebbende is een naar het recht ...

Arrest Hoge Raad over de vraag of een vergrijpboete ook mogelijk is als de belanghebbende niet correct is uitgenodigd tot het doen van aangifte en of bovendien een aanmaning vereist is

Samenvatting zaak Op 10 oktober 2025 heeft de Hoge Raad in een Nederlandse zaak (ECLI:NL:HR:2025:1500) arrest gewezen op het ingediende beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 16 april 2024 (ECLI:NL:GHARL:2024:2592) op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Gelderland. Het ging in die zaak om een aan belanghebbende over het jaar 2017 opgelegde navorderingsaanslag in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen en de voor ...

Naar het oordeel van het Gerecht heeft belanghebbende bewust de aanmerkelijke kans aanvaard op het niet volledig betalen van de verschuldigde winstbelasting: voorwaardelijk opzet, vergrijpboete van 50%. Gerecht ziet geen reden om de 25%-boetes ter zake van overige correcties te verminderen o.g.v. art. 4.8 lid 5 Ministeriële regeling formeel belastingrecht (samenhangend complex van feiten). Wel matiging wegens overschrijding van de redelijke termijn

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak (ECLI:NL:OGEAC:2025:164) is het volgende aan de orde. Bij belanghebbende is een boekenonderzoek ingesteld voor onder andere het belastingmiddel winstbelasting. In het door de controlerend ambtenaar opgestelde controlerapport wordt een aantal correcties voorgesteld. De controlerend ambtenaar stelt daarbij dat, kort samengevat, belastingplichtige willens en wetens onjuiste aangifte heeft gedaan door niet het totaal gefactureerde bedrag voor de verrichte diensten aan het advieskantoor als omzet te ...

Niet aanwezig zijn van grootboek, een jaarlijks sterk fluctuerend brutowinstpercentage en het niet aansluiten van de omzet volgens de BBO-aangiften met de omzet volgens de jaarrekening, leidt tot het niet hebben voldaan aan de administratieplicht: omkering en verzwaring van de bewijslast. De naheffingsaanslagen BBO berusten op een redelijke schatting nu de Inspecteur gebruik heeft gemaakt van de eigen cijfers van belanghebbende. Ook sprake van grove schuld, maar gelet op hoe de hoogte van de aanslag is bepaald (met omkering van de bewijslast) ziet het Hof in dit geval aanleiding de vergrijpboete te verminderen

Samenvatting zaak In deze Sint Maartense zaak (ECLI:NL:OGHACMB:2025:136) is het volgende aan de orde. Belanghebbende exploiteerde een handelsonderneming in cosmetica en elektronica voor de groothandel. Later richtte belanghebbende zich meer op de kleinhandel. Belanghebbende leverde producten zowel in het binnenland als in het buitenland (export). Bij belanghebbende is een boekenonderzoek ingesteld met betrekking tot onder meer de belasting op bedrijfsomzetten (BBO). De bevindingen daarvan zijn neergelegd in een controlerapport. Door ...

Handelsonderneming heeft geen controleerbare en sluitende kasadministratie gevoerd en heeft daarom niet voldaan aan de administratieplicht: omkering en verzwaring van de bewijslast. Maar het Hof is met het Gerecht van oordeel dat de schatting van de Inspecteur onredelijk is voor zover daarbij geen rekening wordt gehouden met in verband met de extra omzet gemaakte kosten: kostenaftrek van 60% in aanmerking genomen. Ook sprake van (voorwaardelijk) opzet, maar gelet op hoe de hoogte van de aanslag is bepaald (met omkering van de bewijslast) ziet het Hof aanleiding de vergrijpboete te verminderen

Samenvatting zaak In deze Sint Maartense zaak (ECLI:NL:OGHACMB:2025:143) is het volgende aan de orde. Belanghebbende exploiteerde een handelsonderneming in cosmetica en elektronica voor de groothandel. Bij belanghebbende is een boekenonderzoek ingesteld met betrekking tot de loonheffingen en BBO over de jaren 2012 tot en met 2014. De bevindingen daarvan zijn neergelegd in een controlerapport. In dat rapport concludeert de controlerend ambtenaar op basis van de geconstateerde gebreken in de administratie en ...

Hof oordeelt dat het Gerecht terecht heeft geoordeeld dat de opbrengsten uit de advieswerkzaamheden aan belanghebbende moeten worden toegerekend – als winst uit IB onderneming – en niet al aan de door belanghebbende gehouden NV. Omkering en verzwaring bewijslast wegens niet voldoen aan bewaarplicht en sprake van een redelijke schatting van de Inspecteur

Samenvatting zaak In deze Sint Maartense zaak (ECLI:NL:OGHACMB:2025:55) is het volgende aan de orde. Belanghebbende heeft zich op 22 augustus 2012 uitgeschreven uit Nederland en zich met zijn gezin op 2 augustus 2012 ingeschreven in Sint Maarten. Op 2 mei 2012 heeft hij te Sint Maarten een naamloze vennootschap (hierna: de NV) opgericht. In januari 2013 heeft de NV een overeenkomst met het Ministerie van Algemene zaken van Sint Maarten ...

Geen medeplegersboete voor Nederlands belastingadvieskantoor na betrokkenheid bij een structuur met een statutair in Curaçao gevestigde vennootschap. Het door de inspecteur gestelde (kern)feit dat de feitelijke leiding van de vennootschap vanuit Nederland werd uitgeoefend is niet buiten redelijke twijfel komen vast te staan: verwijt dat het kantoor wist dat de vennootschap een fiscaal delict pleegde is niet overtuigend aangetoond

Samenvatting zaak In deze Nederlandse zaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende is een in Nederland gevestigde vennootschap welke onder andere belastingadviesdiensten verricht (hierna: ‘het belastingadvieskantoor’). Het belastingadvieskantoor heeft zijn cliënt geadviseerd over de fiscale gevolgen van het op verschillende wijze beleggen van de vrijgekomen liquiditeiten. In dat kader heeft het belastingadvieskantoor aan de cliënt verschillende opties voorgelegd, waarna de cliënt heeft gekozen voor het zogenaamde Curaçao-scenario. A was ...

Inkomsten uit advieswerkzaamheden aan belanghebbende toegerekend als winst uit IB onderneming, pas later aan de door belanghebbende gehouden NV. Omkering en verzwaring bewijslast wegens niet voldoen aan bewaarplicht, maar in casu zou het Gerecht ook bij een normale verdeling van de bewijslast tot dezelfde conclusie zijn gekomen. Vergrijpboetes ten onrechte opgelegd omdat geen navorderingsaanslagen zijn opgelegd maar binnen de aanslagtermijn opgelegde taxatieve aanslagen

Samenvatting zaak In deze Sint Maartense zaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende heeft zich op 22 augustus 2012 uitgeschreven uit Nederland en zich met zijn gezin op 2 augustus 2012 ingeschreven in Sint Maarten. Op 2 mei 2012 heeft hij te Sint Maarten een naamloze vennootschap (hierna: de NV) opgericht. In januari 2013 heeft de NV een overeenkomst met het Ministerie van Algemene zaken van Sint Maarten gesloten ...

Anders dan de omzetcorrecties berusten de winstcorrecties niet op een redelijke schatting omdat de volledige bedragen van de omzetcorrecties als winstcorrecties zijn aangemerkt. Gerecht stelt de belastbare winst in goede justitie vast

Samenvatting zaak In deze Sint Maartense zaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende, een N.V. gevestigd te Sint Maarten, exploiteerde van 2012 tot en met 2014 een handelsonderneming. In 2014 heeft belanghebbende haar activiteiten beëindigd. Bij belanghebbende is een boekenonderzoek ingesteld met betrekking tot de loonheffingen en BBO over de jaren 2012 tot en met 2014. De bevindingen daarvan zijn neergelegd in een controlerapport. In dat rapport concludeert de ...

Belanghebbende is betrokken geweest bij drie elkaar opvolgende buitenlandstructuren waaronder één met een SPF. Rechtbank oordeelt dat de Inspecteur aannemelijk heeft gemaakt dat belanghebbende zijn aanmerkelijk belang in twee Nederlandse vennootschappen in economische zin heeft behouden: terbeschikkingstellingsregeling in de IB is van toepassing

Samenvatting zaak In deze Nederlandse zaak is, heel summier samengevat, het volgende aan de orde. Belanghebbende verhuurt een pand aan een Nederlandse vennootschap en heeft een vordering op een andere Nederlandse vennootschap. Hij heeft zijn belangen in de twee Nederlandse vennootschappen ingebracht in elkaar in tijd opvolgende constructies met buitenlandse vennootschappen, te weten: een structuur met een Stichting Particulier Fonds (‘Private Foundation’) met zetel op Curaçao aan het hoofd, een ...

Het deel van de opbrengst van latere wederverkoop van auto’s dat ten goede komt aan de partij in Nederland van wie de in Bonaire gevestigde autohandelaar de auto’s heeft gekocht, wordt tot de douanewaarde gerekend voor de grondslagbepaling van de ABB. De douanewaarde is ook terecht gecorrigeerd met de vrachtkosten. Maximale vergrijpboete wegens grove schuld. Geen schadevergoeding voor omzet- en rentederving na beslag

Samenvatting zaak In deze Caribisch Nederlandse zaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende, gevestigd te Bonaire, drijft een onderneming en heeft onder andere als activiteiten de in- en verkoop van vervoermiddelen, met name gebruikte personenauto’s en bedrijfsauto’s. Belanghebbende koopt de vervoermiddelen in via het buitenland (onder andere van een garage Nederland). De Belastingdienst Caribisch Nederland heeft een onderzoek uitgevoerd bij belanghebbende. Het onderzoek heeft aanleiding gegeven tot correcties aan ...

Gerecht oordeelt dat bij de berekening van de pensioenvoorziening per 31 december 2014 uitgegaan mag worden van een opbouwpercentage van 3% tot 2002. Indexatie mag op grond van regelgeving niet worden toegepast maar in casu is sprake van in rechte te honoreren gewekt vertrouwen

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende heeft in eigen beheer een pensioenvoorziening gevormd voor de enig aandeelhouder-directeur (hierna: de digra). Bij de berekening van de waarde van de pensioenvoorziening per 31 december 2014 is belanghebbende ervan uitgegaan dat tot 1 januari 2002 een jaarlijks opbouwpercentage toegepast kon worden van 3% en daarna van 2%. Tevens heeft zij er bij de berekening van de ...

Vereiste aangifte niet gedaan en niet voldaan aan administratieplicht: omkering en verzwaring van de bewijslast. Correctie huuropbrengsten pand berust niet op een redelijke schatting. Gerecht neemt in goede justitie een redelijke zakelijke huurprijs in aanmerking

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende drijft een onderneming die bestaat uit het beheren van onroerende goederen van ‘Q’. Voor het beheer en de exploitatie van de onroerende goederen ontvangt belanghebbende een vergoeding van 10 percent van de bruto-opbrengsten. De overige 90 percent wordt doorbetaald aan Q. Naar aanleiding van een boekenonderzoek heeft de Inspecteur overeenkomstig de bevindingen in het controlerapport een naheffingsaanslag ...

Gerecht van oordeel dat de geconstateerde tekortkomingen in de administratie voldoende ernstig zijn om de bewijslast om te keren. Verder concludeert het Gerecht dat de Inspecteur de correcties terecht en tot het juiste bedrag heeft vastgesteld, niet onredelijk of willekeurig

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak is het volgende aan de orde. Naar aanleiding van een boekenonderzoek heeft de Inspecteur overeenkomstig de bevindingen in het controlerapport met toepassing van de omkering van de bewijslast naheffingsaanslagen winstbelasting opgelegd en tevens boetes vastgesteld. Het betreft correcties die zien op privé uitgaven van de directeur die zakelijk zijn geboekt en correcties die zien op zakelijke uitgaven die met de privé rekening van de ...

Hof van oordeel dat het Gerecht ten onrechte ambtshalve heeft geoordeeld dat de bewijslast dient te worden omgekeerd en verzwaard: correctie met betrekking tot de vervreemding van de materiële vaste activa moet met inachtneming van de normale regels van bewijslastverdeling worden beoordeeld. Inspecteur slaagt niet in bewijslast, de correctie vervalt

Samenvatting zaak In deze Curaçaose winstbelastingzaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende, gevestigd te Curaçao, vormde vanaf 1 januari 2007 tot en met 1 januari 2012 een fiscale eenheid met haar dochtermaatschappij (hierna: “de NV”). In het jaar 2011 was de NV de enige klant van belanghebbende. Op 19 november 2012 heeft belanghebbende materiële activa (uitgezonderd onroerend goed) aan de NV verkocht voor een bedrag van NAf 350.000. Op ...

Na terugwijzing door de Hoge Raad oordeelt het Hof dat de in de fooienbeschikking opgenomen (forfaitaire) waarderingsregeling onverbindend is. Geen sprake geweest van onderzoek naar de gronden van de regeling waarop de Minister heeft kunnen vaststellen dat het percentage van de omzet als grondslag voor de loonheffing zal leiden tot een resultaat dat voldoende verband houdt met de fooien die in casino’s op Sint Maarten werkelijk plegen te worden ontvangen

Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba (hierna: het Hof) heeft op 23 februari 2022 uitspraak gedaan in het geding over de Sint Maartense Ministeriële beschikking fooien de zaak dat door de Hoge Raad naar het Hof was teruggewezen. Zie de uitspraak van het Hof van 23 februari 2022 (ECLI:NL:OGHACMB:2022:14). In deze zaak gaat het over de heffing van loonbelasting ...

B.V. die aandelen in dochtermaatschappij houdt kwalificeert als vrijgestelde vennootschap: in de inkomstenbelasting dient niet het daadwerkelijk genoten bedrag in aanmerking te worden genomen maar het fictief rendement. Aangifte gedaan zonder winst uit aanmerkelijk belang aan te geven: grove onachtzaamheid en daarom grove schuld, vergrijpboetes

Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak is het volgende aan de orde (samengevat en enigszins geparafraseerd). Belanghebbende bezit 50% van de aandelen in een besloten vennootschap (B.V.). B.V. is in januari 2006 opgericht en bezit 100% van de aandelen in een naamloze vennootschap (N.V.), een vennootschap waarin feitelijke activiteiten worden verricht. In februari 2006 heeft B.V. bij brief de status van vrijgestelde vennootschap aangevraagd. Belanghebbende heeft aangifte inkomstenbelasting over 2009 ...

Inspecteur had de opbrengsten uit onroerende zaken aan de echtgenoot moeten toerekenen: navorderingsaanslagen en vergrijpboetes ten onrechte aan belanghebbende opgelegd

Samenvatting zaak In deze Curaçaose inkomstenbelastingzaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende is, samen met haar echtgenoot, eigenaar van een (gedeelte van een) appartementencomplex. In de jaren 2013 en 2014 was belanghebbende eigenaar van zes twee-slaapkamerappartementen en twee drie-slaapkamer woningen binnen het appartementencomplex. Belanghebbende heeft voor de jaren 2013 en 2014 belastbare inkomens van nihil aangegeven. Haar echtgenoot heeft voor die jaren eveneens nihil aangiftes ingediend. De Inspecteur heeft ...