Gerecht oordeelt dat de ingevoerde kabels, golfplaatbouten, klemmen, moeren en schroeven weliswaar benodigd zijn voor het monteren van zonnepanelen op het dak, maar dat zij geen rol hebben bij de energieopwekking door de zonnepanelen. Daardoor niet ingedeeld als ‘delen van zonnepanelen’ en geen verlaagd tarief van invoerrechten. De kabels vallen wel onder het begunstigend beleid, waardoor toch slechts 2% aan invoerrechten is verschuldigd
Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak (ECLI:NL:OGEAA:2026:234) is het volgende aan de orde. In 2020, 2021 en 2022 heeft de douane-expediteur namens belanghebbende aangiften ten invoer gedaan. De ingevoerde goederen betreffen kabels, golfplaatbouten, klemmen, moeren en schroeven. De golfplaatbouten, klemmen, moeren en schroeven zijn benodigd voor de montage van zonnepanelen (montagesysteem). Volgens belanghebbende kunnen deze goederen alleen worden gebruikt voor de montagesystemen van zonnepanelen van deze producenten. Bij de kabels ...
Gerecht oordeelt dat de Inspecteur der Invoerrechten en Accijnzen – en niet de Inspecteur der Belastingen – bevoegd is om uitspraken op bezwaar te doen aangaande de heffing van BBO/BAVP en BAZV bij invoer
Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak (ECLI:NL:OGEAA:2026:201) is het volgende aan de orde. Belanghebbende heeft het exclusieve recht om bankbiljetten en munten in Aruba uit te geven. Zij verzorgt de geldsomloop van bankbiljetten en brengt namens het Land Aruba bankbiljetten en munten in omloop. In september 2025 heeft belanghebbende aangifte ten invoer gedaan voor 16 bundels bankbiljetten. Belanghebbende heeft ter zake van deze invoer Belasting op Bedrijfsomzetten (BBO), Belasting Additionele ...
Gerecht oordeelt dat de douanewaarde van de ingevoerde motorfiets op de door belanghebbende aangegeven waarde moet worden vastgesteld. De Inspecteur heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat belanghebbende meer heeft betaald dan de factuurprijs
Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak (ECLI:NL:OGEAA:2026:214) is het volgende aan de orde. Belanghebbende heeft op 26 juni 2024 een motorfiets gekocht in de Verenigde Staten, merk Harley Davidson Road King, bouwjaar 2002. Volgens de “bill of sale” bedraagt de factuurprijs USD 3.200. Door middel van zijn “broker” heeft hij aangifte ten invoer gedaan van de motorfiets met een aangegeven douanewaarde van USD 3.200. Bij controle heeft de douaneambtenaar de ...
Belanghebbende heeft ten aanzien van de ingevoerde personenauto voldaan aan de zesmaandentermijn voor de verhuisboedelvrijstelling: vrijstelling door de Inspecteur ten onrechte geweigerd
Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak (ECLI:NL:OGEAA:2026:218) is het volgende aan de orde. Belanghebbende heeft gedurende meerdere jaren in Florida (Verenigde Staten) gewoond in verband met studie. Op 1 november 2024 heeft belanghebbende een personenauto van het merk Mercedes-Benz, type GLE 2025 aangeschaft. De koopovereenkomst is op die datum gesloten en op 2 november 2024 is het motorvoertuig opgenomen in de reeds op naam van belanghebbende bestaande verzekeringsovereenkomst. Op 13 ...
Gerecht oordeelt dat het door een commerciële visser ingevoerde vaartuig op basis van zijn objectieve kenmerken geen beroepsmatig vissersvaartuig is, maar een plezier- of sportvaartuig: geen vrijstelling van invoerrechten
Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak (ECLI:NL:OGEAA:2026:219) is het volgende aan de orde. De Directie Landbouw, Veeteelt en Visserij heeft verklaard dat belanghebbende bij haar staat geregistreerd als commercieel visser. Voorts is in die brief vermeld dat voor de uitoefening van zijn werkzaamheden een vissersboot noodzakelijk is en dat belanghebbende voornemens is een vissersboot voor eigen gebruik in te voeren en niet voor doorverkoop. Belanghebbende heeft voor de invoer van ...
Land Aruba in kort geding veroordeeld tot afgifte van het motorvaartuig binnen twee dagen, onder de voorwaarde dat aan de vereisten voor inklaring/invoer wordt voldaan. Burgerlijke rechter acht zich in deze zaak bevoegd. Het verzoek is gericht op een feitelijke handeling – niet op een rechtsgevolg – en tegen het (niet) verrichten van een feitelijke handeling staat geen bestuursrechtelijke rechtsbescherming open
Samenvatting zaak In deze Arubaanse kortgedingzaak (ECLI:NL:OGEAA:2026:133) is het volgende aan de orde. Belanghebbende heeft in november 2018 in Venezuela een motorvaartuig gekocht om in Aruba bedrijfsmatig te gebruiken als charterboot. Op 19 maart 2019 is de boot ingeklaard, maar diezelfde dag is de inklaring door de Douane Aruba ingetrokken op de grond dat niet werd voldaan aan de benodigde formaliteiten. In 2022 heeft belanghebbende bij het Gerecht in eerste ...
Gerecht oordeelt dat de ingevoerde machines onder de vrijstellingsbepaling kunnen worden geschaard. Specifiek bestemd voor het productieproces van de industriële onderneming en integraal onderdeel van de productielijn. Het Gerecht gelast teruggaaf van invoerrechten, maar het verzoek om teruggaaf van de bij invoer betaalde BBO/BAVP/BAZV was buiten de wettelijke termijn en dus niet-ontvankelijk (hetgeen niet wegneemt dat de Inspecteur ambtshalve teruggaaf kan verlenen)
Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak (ECLI:NL:OGEAA:2026:83) is het volgende aan de orde. Belanghebbende produceert alcoholische dranken met gebruikmaking van halffabricaten en is aangemerkt als een industriële onderneming in de zin van artikel 128, lid 1, sub 7 letter a van de van de Landsverordening in-, uit- en doorvoer (LIUD). Bij brief heeft de Inspecteur belanghebbende ook geïnformeerd dat zij wordt aangemerkt als industriële onderneming in de zin van de ...
Douane heeft bij invoer aangegeven goederen aangehouden omdat het volgens de Inspecteur goederen betreft die vallen onder het verbod op plastic producten voor eenmalig gebruik. Bezwaar tegen de aanhouding volgens het Gerecht terecht niet-ontvankelijk verklaard omdat tegen de feitelijke aanhouding van goederen geen bezwaar mogelijk is. Verder acht de belastingrechter zich niet bevoegd te beoordelen of de goederen als verboden moeten worden aangemerkt: beroepschrift doorgeleid naar de bestuursrechter
Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak (ECLI:NL:OGEAC:2026:27) is het volgende aan de orde. [LET OP: Mogelijk zal dit ECLI-nummer vervallen en aan deze zaak een nieuws ECLI-nummer worden toegekend, nu dit geen Curaçaose zaak maar een Arubaanse zaak betreft!] Belanghebbende heeft diverse artikelen [bepaalde plastic goederen] voor haar winkel ten invoer aangegeven. Een aantal goederen is door de Inspecteur der Invoerrechten en Accijnzen aangehouden. Vervolgens heeft belanghebbende de Inspecteur verzocht ...
Auto buiten de twaalf maandstermijn ingevoerd: verhuisboedelvrijstelling niet van toepassing op de invoer van de auto. Bovendien houdt de invoer van de auto, naar het oordeel van het Gerecht, geen (rechtstreeks) verband met de overbrenging van de normale verblijfplaats van belanghebbende
Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak (ECLI:NL:OGEAA:2026:2) is het volgende aan de orde. Belanghebbende heeft de Arubaanse nationaliteit. Hij heeft voor een periode in de Verenigde Staten (V.S.) gewoond en gewerkt en is vervolgens met zijn gezin teruggekeerd naar Aruba. Op 11 maart 2021 heeft belanghebbende in de V.S. een auto aangeschaft (een “2021 RAM 1500 MODEL 150”). De auto is voor een deel gefinancierd en hiervoor is aan “X” ...
Belanghebbende heeft ongeveer 7 maanden na aanschaf van de auto zijn normale verblijfplaats naar Aruba verplaatst, maar verbleef gedurende die 7 maanden ongeveer 5 maanden op Aruba. Gerecht van oordeel dat niet kan worden gezegd dat belanghebbende de auto ten minste 6 maanden in het buitenland heeft gebruikt: verhuisboedelvrijstelling niet van toepassing
Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak (ECLI:NL:OGEAA:2026:1) is het volgende aan de orde. Belanghebbende heeft de Amerikaanse nationaliteit en woonde in de Verenigde Staten (V.S.). Gedurende de jaren 2017 tot en met 2022 verbleef hij regelmatig op Aruba; in 2022 heeft hij tot de datum van inschrijving in het Bevolkingsregister van Aruba in totaal 161 dagen op Aruba doorgebracht. Op 27 april 2022 heeft belanghebbende in de V.S. een personenauto ...
Gerecht oordeelt dat de door de Douane ingestelde vrijstellingsprocedure geen wettelijke basis heeft en dat voor het recht op vrijstelling niet de voorwaarde geldt dat (vooraf) een verzoek moet worden ingediend. Omdat de onderhavige goederen voldoen aan de voorwaarden zijn ze automatisch vrijgesteld van invoerrechten. De verzoeken tot teruggaaf zijn ook tijdig ingediend, binnen een jaar na betaling, en de teruggaafprocedure staat los van de mogelijkheid van bezwaar tegen de betaalde invoerrechten: belanghebbende heeft recht op teruggaaf
Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak (ECLI:NL:OGEAA:2025:307) is het volgende aan de orde. Belanghebbende is marktleider op het gebied van technologie, media en telecommunicatie op Aruba. Zij investeert voortdurend in innovatie op het gebied van telecommunicatietechnologie, zoals de introductie van een 5G-netwerk (glasvezelnetwerk). In februari en maart 2023 heeft zij diverse goederen ingevoerd ter verbetering van het bestaande telecommunicatienetwerk en de introductie van een 5G-netwerk. Ter zake van de invoer ...
Naar het oordeel van het Gerecht worden de ingevoerde ‘eTorque Hybrid’ motorvoertuigen aangedreven door een combinatie van een electromotor en een verbrandingsmotor en beschikken ze om die reden over een hybride aandrijvingsysteem in de zin der wet. Het piekvermogen van de voor de aandrijving bestemde elektromotor bedraagt bij één model ten minste 15% van het maximumvermogen van de verbrandingsmotor (de 15%-norm), waarmee op dat model dan het bijzondere tarief van invoerrechten van 12% van toepassing is. Het andere model voldoet evenwel niet aan de 15%-norm, waardoor voor dat model het 12%-tarief niet van toepassing is. Ook het beroep op het vertrouwensbeginsel en het rechtszekerheidsbeginsel slaagt in die gevallen niet
Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak (ECLI:NL:OGEAA:2025:288) is het volgende aan de orde. Belanghebbende heeft diverse motorvoertuigen van het merk Wrangler en Ram 1500 ingevoerd. De voertuigen zijn voorzien van een verbrandingsmotor en een electromotor. De voertuigen worden op de markt gebracht als ‘eTorque Hybrid’ en vallen onder de categorie zogenoemde ‘mild-hybrid’ voertuigen. De electromotor bestaat uit een riem aangedreven generator (‘Belt Starter Generator System’) die gebruik maakt van een ...
Belanghebbende stelt dat de douanewaarde van de producten moet worden berekend op basis van de factuurprijzen, maar tussen haar en de leverancier is sprake van verbondenheid: de factuurprijs kan niet als de ‘normale prijs’ dienen. De Inspecteur meent dat de douanewaarde moet worden vastgesteld aan de hand van de ‘retrogade methode’. Geen der partijen slaagt erin de voorgestane douanewaarde aannemelijk te maken: het Gerecht stelt de douanewaarde in goede justitie vast
In deze Arubaanse zaak (ECLI:NL:OGEAA:2025:259) is het volgende aan de orde. Belanghebbende importeert en verkoopt in haar winkels (kleinhandel) schoonheidsproducten in Aruba en heeft aangifte gedaan voor partijen goederen (cosmetische artikelen en papieren zakken). Bij de aangiften ten invoer van de goederen zijn facturen van de buitenlandse leverancier van de goederen overgelegd. De Douane en belanghebbende verschillen van mening over de douanewaarde van de goederen. Belanghebbende neemt het standpunt in ...
Aangezien belanghebbende door de uitspraak van het Hof niet in een betere positie kan komen te verkeren omdat het daarmee voor belanghebbende meest gunstig te behalen resultaat (een inhoudelijke behandeling door het Gerecht inzake de alsnog door de Inspecteur gedane uitspraken op bezwaar) reeds is bereikt, is het belang aan de hogerberoepsprocedure komen te ontvallen: hoger beroep niet-ontvankelijk
Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak is het volgende aan de orde (samengevat en enigszins geparafraseerd). Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen de douanewaarde van een drietal zendingen van goederen (cosmetische artikelen). Het betrof in twee gevallen een bezwaar tegen de door de Douane, in afwijking van de aangegeven waarde, vastgestelde douanewaarde en in één geval een bezwaar tegen de in de aangifte, conform de eerder door de Douane vastgestelde waarde, ...
UTB’s ten onrechte opgelegd. De transacties tussen de importeur en partij A zijn ‘binnenlandse verkopen’ van reeds ingevoerde containers, waardoor geen invoerrechten verschuldigd zijn. En aangezien de containers zonder factuur zijn ingevoerd, zou de Douane de vaste waarde moeten hanteren
In deze Arubaanse zaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende is een importeur die regelmatig containers koopt van ‘A’. Voor de afhandeling van de containeraankopen maakt hij gebruik van de diensten van een douane-expediteur (de aangever). In de periode van 22 juni 2022 tot en met 10 oktober 2022 heeft de aangever in totaal 10 lege containers van 20 ft ingevoerd. De douanewaarde die blijkens de UTB’s door de ...
Gerecht oordeelt dat er geen wettelijke basis bestaat voor het doen van verzet tegen een op basis van artikel 75 ALB gegeven fiscale strafbeschikking
Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende heeft aangifte ten invoer gedaan voor een partij goederen. Bij het vrijmaken van de goederen is door de Douane geconstateerd dat de goederen onder een verkeerde benaming zijn aangegeven. Dit is in beginsel een strafbaar feit in de zin van de Landsverordening in-, uit- en doorvoer (hierna LIUD). Van het strafbaar feit is een proces-verbaal gemaakt. Aan ...
Vordering tot afgifte van goederen onder betaling van de naheffingsaanslagen invoerrechten toegewezen: belanghebbende hoeft niet eerst een ‘verantwoordelijkheidsbrief’ te tekenen. Van belanghebbende kan niet worden verlangd dat zij op voorhand akkoord gaat met de betaling van een boete. Of zij uiteindelijk een boete verschuldigd is, moet bij eventuele strafrechtelijke vervolging worden uitgemaakt
Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak is het volgende aan de orde. X, een onderneming die zich onder meer bezig houdt met de import van sigaren, wilde via haar expediteur een partij sigaren importeren. Zij heeft daarbij aan het Departamento di Aduana (hierna: de Douane) opgave gedaan van de waarde van de sigaren. Op basis van die waarde is het verschuldigde bedrag aan invoerrechten (en BBO/BAVP en BAZV) vastgesteld en ...
Vrijspraak in douanestrafzaak: geschil over indeling in het tariefposten-classificatiesysteem is van bestuursrechtelijke aard waarover de bestuursrechter (belastingrechter) uitsluitsel moet geven. Vermelden juiste goederencode is geen vereiste bij het doen van aangifte cf. artikel 54 (1)(c) Liud
Samenvatting zaak In deze twee, inhoudelijk vrijwel identieke, Arubaanse strafrechtelijke zaken (ECLI:NL:OGEAA:2023:324 respectievelijk ECLI:NL:OGEAA:2023:325) is het volgende aan de orde. De onderstaande samenvatting is overigens gebaseerd op ECLI:NL:OGEAA:2023:324. Tenlastelegging Aan de verdachte is, kort samengevat en enigszins geparafraseerd, ten laste gelegd dat hij in Aruba op de aangifte/vertreknota heeft aangegeven en/of laten aangeven sigaren en cigarillo’s onder de goederencode 2402 1000, zijnde een niet juiste specificatie der goederen onder hun ...
Veroordeling wegens het doen van onjuiste douaneaangiften omdat een verkeerde, aanzienlijk lagere, douanewaarde is aangeven waardoor de invoerrechten onjuist zijn berekend. Hoewel vaststaat dat een verkeerde douanewaarde is aangegeven, is de door de Douane voorgestane douanewaarde in deze strafzaak niet komen vast te staan. Wat de douanewaarde moet zijn, moet door de belastingrechter worden beantwoord
Samenvatting zaak In deze Arubaanse strafrechtelijke zaak is het volgende aan de orde. De verdachte in deze zaak, een rechtspersoon, heeft huidverzorgingsartikelen van een bepaald merk op douaneaangiften aangegeven. De in de douaneaangiften vermelde douanewaarde heeft als grondslag factuurprijzen van respectievelijk $ 4.506 en $1.643. Voor de invoer van de goederen is Afl. 1.117,60 aan invoerrechten betaald. De Douane meent dat de douaneaangifte onjuist is omdat een te lage waarde ...
Hoewel de LIUD zelf daarin niet voorziet, overweegt het Gerecht dat ter wille van een behoorlijke rechtsbescherming beroep mogelijk moet zijn tegen het niet tijdig beslissen op een bezwaarschrift tegen de berekening van de invoerrechten door de douane en zoekt hiervoor aansluiting bij de ALB. In casu heeft belanghebbende evenwel prematuur beroep ingesteld omdat de Inspecteur ook dan nog de tijd had om uitspraken op bezwaar te doen. Ook geen voorlopige voorziening omdat voor belastingzaken daartoe geen wettelijke grondslag bestaat
Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak is het volgende aan de orde (samengevat en enigszins geparafraseerd). Belanghebbende importeert en verkoopt schoonheidsproducten in Aruba. Ter zake van enkele zendingen heeft belanghebbende facturen van de buitenlandse leveranciers overgelegd. Belanghebbende en de buitenlandse leveranciers zijn met elkaar verbonden. De douane heeft de douanewaarde bij de zendingen niet geaccepteerd. Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen de door de Douane vastgestelde waardes. In geschil is of ...
Kosten van verzegeling van containers met inkomende douanegoederen komen voor rekening van het Land omdat de verzegeling door de douane is bevolen. Voor veroordeling van de Inspecteur tot vergoeding van de buitengerechtelijke incassokosten bestaat geen wettelijke grondslag
Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende is douane-expediteur. Aan hem zijn kosten van verzegeling in rekening gebracht voor de verzegeling van containers met inkomende douanegoederen. Hij heeft die kosten voldaan, maar heeft bezwaar gemaakt en teruggaaf verzocht van de over de periode 2014 t/m 2020 betaalde verzegelingskosten. Volgens hem moeten alle containers beladen met inkomende douanegoederen op basis van artikel 100, lid 1 ...
Hof sluit zich aan bij het ter zitting bereikte compromis over de vermindering van de aan belanghebbende uitgereikte UTB van invoerrechten en accijnzen ter zake van de invoer van gedistilleerde dranken
Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak is het volgende aan de orde (kort samengevat en enigszins geparafraseerd). Belanghebbende is in 2005 aangehouden vanwege (onder meer) een verdenking van het medeplegen van overtreding van artikel 223a van de Landsverordening in-, uit- en doorvoer (LIUD) (frauduleuze invoer van sterke dranken), te weten het hebben ontvangen van vier zendingen gedistilleerde dranken waarover geen invoerrechten en accijnzen waren betaald. Nadat het Openbaar Ministerie heeft ...
Rechter constateert na proeven en waarnemen dat de BB-drank licht bruisend is, een lichte smaak en geur van fruit en een helder lichtgele kleur heeft: de organoleptische eigenschappen stroken met in post 2206 ingedeelde producten, niet met die in post 2208
Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende drijft een groothandel in onder meer bier, alcoholische en niet alcoholische dranken. De voornaamste importprodukten van belanghebbende zijn de zogenoemde ‘craft beers’ voornamelijk afkomstig uit de Verenigde Staten. Het product wordt op de markt gebracht in een blik met een inhoud van 12 Fl. OZ. Op de verpakking wordt het product omschreven als ‘Passion Fruit & Guava ...
Gerecht van oordeel dat voor heffing van accijns op gedistilleerd niet zonder meer kan worden aangesloten bij de producten die voor de heffing van invoerrechten worden ingedeeld onder de tariefpost 22.08. Voor de accijns moet worden beoordeeld of de dranken grotendeels gedistilleerde alcohol bevatten
Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende voert sinds 1995 verschillende alcoholhoudende dranken in, waaronder dranken van het merk ‘Bud Light Lime’ (hierna: BLL-dranken) en ‘Bartels & James’ (hierna: BJJ-dranken). Deze dranken komen in flessen van kleiner dan twee liter en hebben een alcoholpercentage van respectievelijk 8% en 3.2%. De dranken zijn door belanghebbende bij invoer aangegeven onder de tariefpost 2203 ‘bier van mout’ ...
Aansluiting zoekend bij Nederlandse regelgeving, komt het Gerecht tot het oordeel dat de onderhavige voertuigen (met een elektromotor en een benzinemotor) niet voldoen aan de ‘piekvermogen-norm’ van 15% om te kunnen worden aangemerkt als ‘voertuig met een hybride aandrijvingsysteem’: lage invoerrechtentarief van 12% niet van toepassing. Beroep op gelijkheidsbeginsel faalt ook
Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende heeft voertuigen van het merk Mercedes-Benz (GLE 450 4MATIC) ingevoerd (hierna: de voertuigen). De voertuigen hebben een elektromotor en een benzinemotor. De voertuigen kunnen niet door de elektromotor alleen worden voortbewogen. Bij de invoer heeft belanghebbende de voertuigen ingedeeld in tariefpost 8703.3110 voor voertuigen met een hybride aandrijvingssysteem en heeft het daarbij verschuldigde tarief van 12% aan ...
Tegen het niet-tijdig doen van uitspraak op bezwaar (fictieve weigering) inzake de toepassing van de Landsverordening in-, uit-, en doorvoer staat geen beroep open, maar Gerecht zoekt aansluiting bij de Algemene landsverordening belastingen (ALB). Beroepen evenwel prematuur en daarom ook met overeenkomstige toepassing van de ALB niet ontvankelijk
Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende heeft aangiften ten invoer gedaan en is op 20 september 2021 respectievelijk 13 oktober 2021 tegen de door de douaneambtenaar berekende invoerrechten in bezwaar gekomen. De Inspecteur heeft niet beslist op de bezwaren van belanghebbende. Belanghebbende is op 23 december 2021 in beroep gekomen. Belanghebbende verzoekt om teruggave van het volgens hem ten onrechte betaalde bedrag aan invoerrechten ...
Gerecht overweegt dat belanghebbende in 2018 haar normale woonplaats heeft verplaatst naar Aruba. Geen verhuisboedelvrijstelling voor eind 2020 overgebrachte goederen: niet aannemelijk gemaakt dat vanwege de coronacrisis de goederen niet binnen de twaalfmaandentermijn hadden kunnen worden overgebracht. Waarde overigens terecht gebaseerd op de ‘normale prijs’
Samenvatting zaak In deze Arubaanse invoerrechtenzaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende en haar echtgenoot hebben in verband met de (terug)verhuizing vanuit Curaçao naar Aruba in 2018 een deel van de inboedel naar Aruba overgebracht en daarvoor de verhuisboedelvrijstelling gevraagd en verkregen. De echtgenoot heeft vanaf 2018 permanent in Aruba gewoond. Belanghebbende ging vanwege haar werk tot juli 2019 vanuit Aruba nog regelmatig naar Curaçao, waar zij dan in ...
Verzoek om teruggaaf verzegelingskosten van containers met inkomende douanegoederen ontbeert juridische basis: wordt aangemerkt als bezwaar tegen de in rekening gebrachte zegelkosten. Inspecteur heeft ingevolge artikel 18, lid 2 ALB één jaar de tijd om uitspraak te doen: ingediende beroep tegen het niet tijdig doen van uitspraken op bezwaar is prematuur
Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende, wonende te Aruba, is douane-expediteur. In de periode 2014 tot en met 2021 zijn aan hem kosten van verzegeling in rekening gebracht voor de verzegeling van containers met inkomende douanegoederen. Belanghebbende heeft die kosten voldaan. Daarnaast heeft hij ter zake van deze kosten buitengerechtelijke incassokosten betaald. Belanghebbende heeft een verzoek om teruggave van de kosten van verzegeling ...
Ook het Hof acht niet aannemelijk dat de door belanghebbende beschreven procedure de destijds geldende vaste gedragslijn voor teruggaaf van accijns op sigaretten was. Met betrekking tot één van de teruggaafverzoeken wordt voldaan aan de wettelijke voorwaarden: uit een e-mail van de buitenlandse fabrikant blijkt dat de beschadigde accijnszegels zijn teruggezonden en deze waren bij controle ook nog ter plaatse
Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak is het volgende aan de orde. Belanghebbende, gevestigd te Aruba, is importeur van onder andere sigaretten. Op basis van artikel 2 van de Landsverordening accijns op sigaretten (hierna: Las) wordt accijns geheven van sigaretten welke in het vrije verkeer worden gebracht. De accijns wordt voldaan door middel van accijnszegels (artikel 3, lid 1 Las). Ingevolge artikel 14, letter b Las worden bij landsbesluit, houdende ...
Zendingen sterke drank op onregelmatige wijze ingevoerd waarmee rechten bij invoer zijn ontdoken: UTB terecht aan belanghebbende opgelegd. De UTB behelst verder geen ‘criminal charge’ in de zin van artikel 6 EVRM en kan daarom niet i.v.m. ‘undue delay’ worden vernietigd. Ook geen strijdigheid met artikel 1 van het Eerste Protocol bij het EVRM
Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak is het volgende aan de orde (kort samengevat en enigszins geparafraseerd). Belanghebbende is op 16 maart 2005 aangehouden en in verzekering gesteld vanwege (onder meer) een verdenking van het medeplegen van overtreding van artikel 223a van de Landsverordening in-, uit- en doorvoer (LIUD) (frauduleuze invoer van sterke dranken), te weten het hebben ontvangen van vier zendingen gedistilleerde dranken – in november 2004 en januari ...
