Hoge Raad actualiseert de richtlijnen voor de behandeling van een beroep op betalingsonmacht ter zake van het griffierecht. In casu wordt het beroep op betalingsonmacht niet gehonoreerd, omdat de Hoge Raad het niet aannemelijk acht dat het maandelijkse netto-inkomen van belanghebbende in de relevante periode minder bedraagt dan 95% van de voor een alleenstaande geldende (maximale) bijstandsnorm
Samenvatting zaak In deze Nederlandse zaak (ECLI:NL:HR:2025:1651) is het volgende aan de orde. Belanghebbende heeft in 2024 tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden beroep in cassatie ingesteld en heeft een beroep op betalingsonmacht gedaan met betrekking tot het voor de cassatieprocedure verschuldigde griffierecht. De griffier van de Hoge Raad heeft geen aanleiding gezien van ...
Naar het oordeel van het Gerecht heeft belanghebbende bewust de aanmerkelijke kans aanvaard op het niet volledig betalen van de verschuldigde winstbelasting: voorwaardelijk opzet, vergrijpboete van 50%. Gerecht ziet geen reden om de 25%-boetes ter zake van overige correcties te verminderen o.g.v. art. 4.8 lid 5 Ministeriële regeling formeel belastingrecht (samenhangend complex van feiten). Wel matiging wegens overschrijding van de redelijke termijn
Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak (ECLI:NL:OGEAC:2025:164) is het volgende aan de orde. Bij belanghebbende is een boekenonderzoek ingesteld voor onder andere het belastingmiddel winstbelasting. In het door de controlerend ambtenaar opgestelde controlerapport wordt een aantal correcties voorgesteld. De controlerend ambtenaar stelt daarbij dat, kort samengevat, belastingplichtige willens en wetens onjuiste aangifte heeft gedaan door ...
De aan de eenmanszaak zonder werknemers opgelegde boetes wegens het niet tijdig doen van aangiften LB en sociale premies, zijn naar het oordeel van het Gerecht uit het oogpunt van normhandhaving passend en geboden. Geen afwezigheid van alle schuld (avas), omdat belanghebbende moet hebben geweten dat ook nihil-aangiften dienen te worden ingediend. Ook geen matiging, omdat de mate van verwijtbaarheid bij verzuimboetes geen rol speelt. Tegen de weigering van de inspecteur om ambtshalve te verminderen staat geen rechtsmiddel open, zodat daartegen geen bezwaar of beroep kan worden ingesteld. Beroepschrift was overigens tijdig ingediend, na verlenging van de beroepstermijn o.g.v. de Algemene termijnenverordening
Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak (ECLI:NL:OGEAA:2025:305) is het volgende aan de orde. Belanghebbende drijft een onderneming in de vorm van een eenmanszaak. Hij heeft geen werknemers in dienst. Toch zijn aan belanghebbende naheffingsaanslagen loonbelasting (LB) en premies AOV/AWW en AZV opgelegd. Tevens zijn verzuimboetes voor het niet tijdig doen van aangifte en voor het ...
Gerecht acht de verzuimboete wegens het niet tijdig doen van aangifte winstbelasting passend en geboden, geen sprake van afwezigheid van alle schuld (avas). De gemachtigde heeft niet tijdig bij de Inspectie gereclameerd over de systeemtechnische problemen bij het doen van de aangifte in het online portaal. De boete is wel met 5% gematigd wegens overschrijding van de redelijke termijn. Overigens werd het verzoek om uitstel van de zitting door het Gerecht afgewezen omdat de gemachtigde ruimschoots de tijd heeft gehad om de zitting voor te bereiden
Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak (ECLI:NL:OGEAC:2025:212) is het volgende aan de orde. Belanghebbende is gevestigd te Curaçao en aangifteplichtig voor de winstbelasting. De aangifte winstbelasting voor het jaar 2021 had uiterlijk op 30 juni 2022 moeten worden gedaan. De gemachtigde heeft op 21 maart 2022 een aanvraag tot machtiging ingediend om namens belanghebbende online ...
De Inspecteur heeft nog immer geen beslissing op de bezwaren tegen de aanslagen IB en AVBZ genomen: beroep tegen het niet tijdig beslissen gegrond verklaard. Omdat overeenstemming is bereikt over de afwikkeling in de IB, ziet het Gerecht ervan af om de Inspecteur op te dragen alsnog een beslissing te nemen op de bezwaren tegen de aanslagen IB. Wel wordt de Inspecteur opgedragen alsnog uitspraak te doen op de bezwaren tegen de aanslagen AVBZ, waarbij het Gerecht bepaalt dat hoofdstuk VI ALL (verplichtingen ten dienste van de belastingheffing) in casu van toepassing is tot 1 december 2025
Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak (ECLI:NL:OGEAC:2025:210) is het volgende aan de orde. Aan belanghebbende zijn aanslagen inkomstenbelasting (IB) en premie AVBZ voor de jaren 2019 en 2020 opgelegd. De aanslagen IB zijn opgelegd naar een penshonado-tarief van 10% (artikel 23b, lid 1 Landsverordening op de inkomstenbelasting 1943) en zonder toepassing van aftrek ter voorkoming ...
Geen schriftelijke machtiging overgelegd: beroep niet-ontvankelijk. Ten overvloede informeert het Gerecht partijen nog over de regels omtrent een bestuurdersaansprakelijkheidsprocedure
Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak (ECLI:NL:OGEAC:2025:211) is het volgende aan de orde. Aan belanghebbende is een naheffingsaanslag winstbelasting opgelegd. Bij gelijktijdige beschikking is aan belanghebbende een verzuimboete opgelegd. Vervolgens is tegen de naheffingsaanslag en verzuimboete bezwaar gemaakt, maar de Inspecteur heeft het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding en ook ambtshalve geen aanleiding gezien om ...
Gerecht van oordeel dat belanghebbende met haar beroepschrift en het bijgevoegde bezwaarschrift aan de motiveringseis heeft voldaan: verzet gegrond verklaard
Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak (ECLI:NL:OGEAA:2025:296) is het volgende aan de orde. Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen een aan haar opgelegde naheffingsaanslag winstbelasting. De Inspecteur heeft uitspraak op bezwaar gedaan, waarna belanghebbende pro forma beroep heeft ingesteld tegen de uitspraak van de Inspecteur. De griffier van het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao (hierna: ...
Het Gerecht handhaaft de naheffingsaanslagen BBO met toepassing van omkering en verzwaring van de bewijslast. Belanghebbende (een handelaar) wordt ook voor de BBO geacht inwoner van Sint Maarten te zijn en maakt niet aannemelijk dat de goederen niet door hem maar door een vennootschap in de VS worden geleverd. Ook geen sprake van schending van het zorgvuldigheidsbeginsel. Vergrijpboetes zijn door het Gerecht wel verminderd omdat de Inspecteur niet overtuigend heeft aangetoond dat sprake is van opzet (wel van grove schuld) en omdat omkering van de bewijslast is toegepast, alsook vanwege overschrijding van de redelijke termijn. Overigens stelde het Gerecht in deze zaak voorop dat de e-mail van belanghebbende aan de controlerend ambtenaar was op te vatten als bezwaarschrift: de controlerend ambtenaar had het bezwaar moeten doorsturen naar het orgaan dat bevoegd was op het bezwaar te beslissen en de Inspecteur had belanghebbende de gelegenheid tot herstel moeten bieden
Samenvatting zaak In deze Sint Maartense zaak (ECLI:NL:OGEAM:2025:101) is het volgende aan de orde. Belanghebbende houdt zich bezig met de handel in onder meer sieraden. Hij levert goederen aan winkeliers in Sint Maarten. Bij belanghebbende is een boekenonderzoek ingesteld met als doel om te bepalen of hij aan belasting op bedrijfsomzetten (BBO) onderworpen is in ...
Gerecht oordeelt dat de stichting particulier fonds de verplichting had om jaarlijks tijdig aangifte winstbelasting te doen, ook zonder winst: verzuimboetes wegens niet tijdig indienen van de aangifte terecht opgelegd. Uit de toelichting van de wetgever leidt het Gerecht af dat de wetgever nadrukkelijk beoogd heeft de stichting particulier fonds aan te merken als subjectief belastingplichtige, onder andere om zodoende een aangiftetoets te kunnen doen plaatsvinden
Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak (ECLI:NL:OGEAC:2025:218) is het volgende aan de orde. Belanghebbende is een stichting particulier fonds (SPF) opgericht met als doel het doen van uitkeringen uit haar vermogen aan zodanige instellingen en personen als het bestuur zal bepalen en het verschaffen van financiële bijstand aan die instellingen en personen door middel van ...
Belanghebbende is uitgenodigd om aangifte inkomstenbelasting te doen via de verkorte versie van het aangiftebiljet. Zij heeft deze versie ingediend met het verzoek om de uitgebreide versie, maar ontving door fouten bij de Inspecteur een nihil-aanslag en niet het uitgebreide biljet. Gerecht oordeelt dat de daarna opgelegde navorderingsaanslag ten onrechte is opgelegd, omdat het hier een samenloop van fouten betreft die evident voortvloeien uit de door de Inspecteur gekozen werkwijze, hetgeen de mogelijkheid tot navordering verhindert. Ook is geen sprake van het niet-doen van de vereiste aangifte, belanghebbende heeft gedaan wat van haar verwacht had mogen worden. En aan toepassing van het bepaalde in artikel 7 lid 4 ALB (verplichting om te verzoeken om een aangifte uit te reiken) wordt in het geheel niet toegekomen omdat die bepaling ziet op het geval waarin niet binnen zes maanden na het ontstaan van de belastingschuld een aangiftebiljet is uitgereikt
Samenvatting zaak In deze Arubaanse zaak (ECLI:NL:OGEAA:2025:306) is het volgende aan de orde. In het systeem van de Belastingdienst stond belanghebbende voor de jaren vóór 2017 geregistreerd als een persoon aan wie de uitgebreide versie van het aangiftebiljet diende te worden toegezonden. Maar voor het belastingjaar 2017 is belanghebbende uitgenodigd om aangifte inkomstenbelasting te doen ...
Gerecht overweegt over ontvankelijkheid van diverse bezwaren en beroepen inzake naheffingsaanslagen winstbelasting en verzuimboetes. Tegen een aanslag moet eerst bezwaar worden aangetekend voordat beroep kan worden ingesteld, maar het Gerecht ziet om proceseconomische redenen af van het doorzenden van het beroepschrift naar de Inspecteur. Inzake de boetes wordt ambtshalve beoordeeld of inbreuk is gemaakt op het recht van belanghebbende op behandeling van de zaak binnen een redelijke termijn. In één geval is sprake van een bijzondere omstandigheid die aanleiding vormt voor een verlenging van de redelijke termijn. Dat belanghebbende geen activiteiten verricht, geen bedrijfsvoering voert, geen omzet maakt en geen inkomsten heeft, maakt niet dat zij geen aangifte hoeft te doen. Ook geen sprake van afwezigheid van alle schuld (AVAS)
Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak (ECLI:NL:OGEAC:2025:209) is het volgende aan de orde. Aan belanghebbende zijn naheffingsaanslagen en/of verzuimboetes winstbelasting (WB) over de jaren 2018 tot en met 2022 alsmede naheffingsaanslagen en/of verzuimboetes omzetbelasting (OB) over de jaren 2022 en 2023 opgelegd. Op 28 oktober 2022 heeft belanghebbende tegen (een aantal van) de naheffingsaanslagen en/of ...
Het pas ná het eerste jaar in het vijfjarig tijdvak eigenaar worden van de onroerende zaak behoort niet tot de limitatief opgesomde gevallen waarin in de loop van het vijfjarige tijdvak (ná het eerste jaar) bezwaar kan worden gemaakt tegen de waarde, ook niet als de waarde dan inmiddels is gedaald
Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak (ECLI:NL:OGEAC:2025:208) is het volgende aan de orde. Belanghebbende heeft in 2020 een onroerende zaak (een appartementsrecht) aangekocht voor een bedrag van NAf 390.000. Aan belanghebbende zijn ter zake van de onroerende zaak aanslagen onroerendezaakbelasting (OZB) voor de jaren 2021 tot en met 2023 opgelegd naar een belastbare waarde van ...
Hoge Raad: Hof heeft juist geoordeeld dat de voorlopige aanslag na de vernietiging van de definitieve aanslag blijft gehandhaafd indien en voor zover deze niet hoger is dan de materiële belastingschuld
Samenvatting zaak Vandaag, vrijdag 17 oktober 2025, heeft de Hoge Raad arrest gewezen (ECLI:NL:HR:2025:1571) op het tegen de uitspraak van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van 3 juni 2022 (ECLI:NL:OGHACMB:2022:57) ingestelde beroep in cassatie betreffende aan belanghebbende opgelegde aanslagen in de inkomstenbelasting voor het jaar 2010. Kort samengevat en enigszins geparafraseerd, oordeelt de Hoge Raad ...
AG concludeert weliswaar ook, zij het op andere gronden dan het Hof, dat het bewijs onrechtmatig is verkregen, maar volgens de AG heeft het Hof het bewijs ten onrechte uitgesloten voor de belastingheffing
Op 22 augustus 2025 heeft Advocaat-Generaal (AG) R.J. Koopman conclusie genomen (ECLI:NL:PHR:2025:782) in een Nederlandse belastingzaak waarin de rechtsvragen aan de orde komen (1) of de bewijsmiddelen onrechtmatig zijn verkregen en, zo ja, (2) of die bewijsmiddelen gebruikt mogen worden voor de belastingheffing. Weliswaar komt AG, net als het Hof in ECLI:NL:GHSHE:2024:3846, tot de slotsom ...
Programma FOCUS presenteert vraaggesprek met de waarnemend ontvanger van de Directe Belastingen over de saneringsregeling (Suriname)
Do Communicatie Dienst Suriname (CDS) heeft een aflevering van het programma FOCUS gewijd aan een vraaggesprek met de waarnemend ontvanger van de Directe Belastingen, mevrouw Sharida de Randamie, over de recent bekend gemaakte saneringsregeling. Het betreft FOCUS-aflevering nr. 1601 van 29 september 2025 dat op het Youtube-kanaal van CDS is geplaatst. Op de Facebookpagina van ...
