U bekijkt nu alle artikelen in Invordering.
Bekijk alle artikelen in Invordering voor regio: Aruba | Curaçao | Sint Maarten | BES/Caribisch Nederland
Bekijk alle artikelen in Invordering voor regio: Aruba | Curaçao | Sint Maarten | BES/Caribisch Nederland
Hof bevestigt het vonnis van het Gerecht inzake de hoofdelijke aansprakelijkheid van de bestuurder voor belastingschulden van de vennootschappen
Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak (ECLI:NL:OGHACMB:2026:257) is het volgende aan de orde. De Ontvanger van Curaçao heeft ten laste van X als bestuurder van drie belastingplichtige vennootschappen dwangschriften uitgevaardigd en derdenbeslagen (onder de Sociale Verzekeringsbank, SVB) gelegd ter betaling van openstaande belastingschulden en sociale premies van de vennootschappen. Ook heeft de Ontvanger ten laste ...
Ontvanger mocht overgaan tot sluiting van de onderneming, nu de betalingsregelingen onvoldoende zijn nagekomen, de bezwaren reeds waren afgewezen en het uitstel van betaling was ingetrokken
Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak (ECLI:NL:OGEAC:2025:368) is het volgende aan de orde. In november 2023 heeft de Ontvanger ter zake van een openstaande belastingschuld executoriaal beslag laten leggen op de roerende zaken van belanghebbende. De verkoopdatum van de roerende zaken werd bepaald op 6 maart 2024. Na de beslaglegging zijn belanghebbende en de Ontvanger ...
MAN-PIN vraagt of de minister van Justitie beschikt over vervolgingsbeleid of instructies aan het OM inzake ambtsmisdrijven. Zulks naar aanleiding van het recente arrest waarin de Hoge Raad, in het belang der wet, een uitspraak van het Gemeenschappelijk Hof in een belastingzaak heeft vernietigd (Curaçao)
Bij brief d.d. 21 juli 2026 heeft het Statenlid S.F.C. Camelia-Römer (MAN-PIN) aan de minister van Justitie een reeks van vragen gesteld naar aanleiding van het recente arrest van 10 juli 2026 waarin een uitspraak van het Gemeenschappelijk Hof in een belastingzaak door de Hoge Raad, in het belang der wet, werd vernietigd (ECLI:NL:HR:2026:1245). Bij ...
Kortgedingrechter oordeelt dat belanghebbende thans geen spoedeisend belang heeft bij de opheffing van het beslag. Belanghebbende heeft niet gesteld waarom de Ontvanger niet (opnieuw) zou mogen overgaan tot (versnelde) dwanginvordering, evenmin toegelicht in welke gerechtvaardigde belangen zij wordt geraakt bij instandhouding van het beslag
Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak (ECLI:NL:OGEAC:2026:131) is het volgende aan de orde. Begin maart 2025 heeft de Stichting Belastingaccountantsbureau (SBAB) een rapport uitgebracht bevattende bevindingen van een bij belanghebbende uitgevoerd boekenonderzoek. In het rapport wordt de Inspecteur voorgesteld om naheffingsaanslagen winstbelasting, omzetbelasting, loonbelasting, en premies AOV/AWW, AVBZ en BVZ op te leggen. Belanghebbende heeft ...
Ontvanger heeft vanwege onbetaald gebleven belastingschulden executoriaal beslag gelegd op de woning van belanghebbende. Gerecht verklaart het verzet van belanghebbende tegen de tenuitvoerlegging van de dwangschriften ongegrond. Een verzet kan niet gericht zijn tegen de wettigheid of grootte van de belastingschulden en de wetgever heeft de Ontvanger het recht gegeven om tot executie over te gaan voordat in een bezwaar- of beroepsprocedure is beslist
Samenvatting zaak In deze Caribisch Nederlandse zaak (ECLI:NL:OGEABES:2026:97) is het volgende aan de orde. De Ontvanger van de Belastingdienst Caribisch Nederland heeft vanwege belastingschulden vier dwangschriften betekend aan belanghebbende. De dwangschriften hebben deels betrekking op belastingschulden van belanghebbende in privé en deels op belastingschulden van de ondernemingen (BV's) waarvan belanghebbende bestuurder is. De Ontvanger heeft ...
Gerecht oordeelt dat de Ontvanger bevoegd was om over te gaan tot dwanginvordering, omdat ten tijde van het uitvaardigen van het dwangschrift geen betaling was gedaan en geen regeling was getroffen. De bevoegdheid tot dwanginvordering is volgens het Gerecht niet teniet gegaan door het tussen het uitvaardigen van het dwangschrift en het doen betekenen daarvan alsnog verzocht hebben tot het treffen van een (nieuwe) betalingsregeling
Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak (ECLI:NL:OGEAC:2026:118) is het volgende aan de orde. Aan belanghebbende zijn definitieve aanslagen premie AOV, AVBZ en BVZ opgelegd. In september 2024 heeft belanghebbende met de Ontvanger een betalingsregeling getroffen met betrekking tot de aanslagen premie AOV en BVZ over het jaar 2022, maar belanghebbende heeft in dit verband geen ...
Statenlid Camelia-Römer stelt reeks van vragen aan MinFin naar aanleiding van het recente arrest waarin de Hoge Raad, in het belang der wet, een uitspraak van het Gemeenschappelijk Hof vernietigt. De zaak betrof de vraag of het Hof als belastingrechter bevoegd was om het hoger beroep niet-ontvankelijk te verklaren wegens gebrek aan belang op de grond dat het vertrouwensbeginsel in de weg staat aan invordering van de naheffingsaanslag door de Ontvanger
Bij brief d.d. 21 juli 2026 heeft het Statenlid S.F.C. Camelia-Römer (MAN-PIN) aan de minister van Financiën een reeks van vragen gesteld naar aanleiding van het arrest van de Hoge Raad van 10 juli 2026 op het ingestelde beroep tot cassatie in het belang der wet in de zaak over de vraag of het Gemeenschappelijk ...
Gerecht oordeelt dat de Ontvanger tot dwanginvordering middels beslag heeft mogen overgaan. De Ontvanger mocht zich op het standpunt stellen dat niet aan de lopende betalingsverplichtingen werd voldaan. Ook heeft de Ontvanger de betalingsregeling terecht van rechtswege vervallen geacht, nu deze niet volledig is nagekomen
Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak (ECLI:NL:OGEAC:2026:103) is het volgende aan de orde. De Ontvanger heeft ten laste van belanghebbende beslag gelegd op roerende goederen uit kracht van drie dwangschriften. Daarbij is vermeld dat een openbare verkoop zal volgen. Belanghebbende heeft een verzetschrift tegen dit beslag aan de Ontvanger laten betekenen. Vervolgens heeft belanghebbende bij ...
Hoge Raad vernietigt, in het belang der wet, de uitspraak van het Hof. Het Hof had het hoger beroep niet op de grond dat de NV geen belang heeft, niet-ontvankelijk mogen verklaren. De zaak betreft de vraag of het Hof als belastingrechter bevoegd was om het hoger beroep niet-ontvankelijk te verklaren wegens gebrek aan belang op de grond dat het vertrouwensbeginsel in de weg staat aan invordering van de naheffingsaanslag door de ontvanger
Samenvatting zaak Vandaag, vrijdag 10 juli 2026, heeft de Hoge Raad arrest gewezen (ECLI:NL:HR:2026:1245) op het beroep in cassatie in het belang der wet van Advocaat-Generaal P.J. Wattel namens de Procureur-Generaal bij de Hoge Raad tegen de uitspraak van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en ...
Vordering Ontvanger tot opheffing van de schorsing van de executie in kort geding toegewezen, maar belanghebbende krijgt nog een termijn van 3 maanden om de gehele schuld te voldoen
Samenvatting zaak In deze Sint Maartense zaak (ECLI:NL:OGEAM:2026:80) is het volgende aan de orde. De Ontvanger van Sint Maarten heeft op 2 april 2026 een verzoekschrift ingediend tot opheffing van de schorsende werking als gevolg van het door X, gedaagde in deze zaak, ingestelde hoger beroep tegen de afwijzende beslissing op het verzet van X ...
Gerecht oordeelt dat de Ontvanger wel degelijk de wettelijke bevoegdheid heeft X als bestuurder aansprakelijk te stellen voor belastingschulden van de vennootschap. Voor aansprakelijkheid van X als bestuurder geldt hier niet de eis dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan kennelijk onbehoorlijk bestuur
Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak (ECLI:NL:OGEAC:2026:77) is het volgende aan de orde. X is bestuurder van een Curaçaose vennootschap. Hij is door de Ontvanger aansprakelijk gesteld voor de betaling van openstaande belasting- en premieschulden van de vennootschap. Daarna heeft de Ontvanger voor deze belastingschuld een dwangschrift betekend, gevolgd door een ten laste van de ...
Belanghebbende moet op straffe van niet-ontvankelijkheid in hoger beroep aantonen dat de belasting, bijdrage, vergoeding, rente, verhogingen en kosten zijn geconsigneerd in handen van de Ontvanger. Betreft volgens het Hof een verzetprocedure (tegen de tenuitvoerlegging van dwangschriften) in de zin van art. 4 Lv dwanginvordering, en niet een executiegeschil ex art. 438 Rv zoals als additioneel verweer is aangevoerd
Samenvatting zaak In deze Curaçaose zaak (ECLI:NL:OGHACMB:2026:134) is het volgende aan de orde. Deze procedure betreft verzet tegen de tenuitvoerlegging van dwangschriften als bedoeld in artikel 4 van de Landsverordening houdende regeling van de invordering van belastingen, bijdragen en vergoedingen door middel van dwangschriften alsmede van de rechtspleging inzake belastingen, bijdragen en vergoedingen (P.B. 1942 no. 246, ...
Hoge Raad verklaart het door belanghebbende ingestelde cassatieberoep ongegrond in de Arubaanse zaak over het verrekenen van verschuldigde belastingen met van het Land te vorderen bedragen. In de Landsverordening invordering directe belastingen is tot uitdrukking gebracht dat civielrechtelijke bepalingen niet kunnen dienen als grondslag voor de verrekening van belastingschulden
Op vrijdag 10 april 2026 heeft de Hoge Raad arrest gewezen (ECLI:NL:HR:2026:569) op het door belanghebbende ingestelde beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie (het Hof) van 11 december 2024 (ECLI:NL:OGHACMB:2024:248) betreffende aan belanghebbende opgelegde naheffingsaanslagen in de loonbelasting en in de BBO/BAZV. In deze Arubaanse zaak was in het ...
Hoge Raad beantwoordt prejudiciële vragen over de rechtspositie van een bestuurder van een Curaçaose vennootschap die door de Ontvanger aansprakelijk wordt gehouden voor openstaande belasting- en premieschulden van de vennootschap
Samenvatting zaak Afgelopen vrijdag 7 november 2025 heeft de civiele kamer van de Hoge Raad de prejudiciële vragen beantwoord die door het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba (hierna: het Hof) zijn gesteld over de rechtspositie van een bestuurder van een Curaçaose vennootschap die, op ...
