Gerecht van oordeel dat belastingbesparing het volstrekt overwegende motief is geweest van het door belanghebbende (een bank) onderbrengen van de beleggingsactiviteiten in de vrijgestelde dochtervennootschap en dat daarmee in strijd met doel en strekking van de wet is gehandeld: winst dochtervennootschap met toepassing van het leerstuk van fraus legis bij belanghebbende in de belastingheffing betrokken
Share
Gerecht van oordeel dat belastingbesparing het volstrekt overwegende motief is geweest van het door belanghebbende (een bank) onderbrengen van de beleggingsactiviteiten in de vrijgestelde dochtervennootschap en dat daarmee in strijd met doel en strekking van de wet is gehandeld: winst dochtervennootschap met toepassing van het leerstuk van fraus legis bij belanghebbende in de belastingheffing betrokken
Deze inhoud is alleen toegankelijk voor abonnees van het CFN. Bent u abonnee? Log in. Bent u nog geen abonnee van het Caribisch Fiscaal Nieuwsblad? Word Abonnee!